Voetbaloefeningen voor alle technieken

Advertentie

na-balverlies-de-juiste-positie-innemen-1

Organisatie:

Er word 3:3 gespeelt. Zonder keepers.
Op het doel van 7 meter mag pas gescoord worden vanuit het 16 meter gebied.
De andere partij kan scoren op de 2 doeltjes, vanuit elke positie.
Als de bal aan de zijkanten uit gaat word er hervat met een intrap.
Na een doelpunt of een achterbal word het spel opnieuw gestart op de achterlijn van de
aanvallende partij (driehoekjes).
Ook komen er dan 2 nieuwe verdedigers en 3 nieuwe aanvallers in het veld.

Aandachtspunten:

Fel verdedigen voordat ze in het 16 meter gebied zijn.
Het veld klein maken bij het verdedigen.

sneller-proberen-de-bal-terug-te-winnen-8

Organisatie:

Er word 6 tegen 5 + keeper gespeeld.
Als de partij die op de grote goal moet scoren de bal is kwijtgeraakt, moeten ze 5 doeltjes verdedigen.
Na 15 minuten wisselen van helft.

Opmerkingen:

Als de aanvallers van de driehoekjes partij de bal kwijtraken, kan dit heel snel een tegendoelpunt opleveren.
Vooral de spelers die in de competitiewedstrijden te weinig meeverdedigen kunnen deze partijvorm niet leuk vinden.

Aandachtspunten:

Op tijd de man dekken.
Niet happen.
Aan de goede kant dekken.
Houding tijdens de duels, door de knieën.

Advertentie

het-onbewust-vormen-om-de-ruimte-te-bespelen-in-het-4-tegen-4-1

Inhoud

  • Nr 1 heeft drie afspeel mogelijkheden
  • Hier kan zich al het positiespel 3 - 1 voordoen
  • De spelers nr 2 en 3 moeten opendraaien om een passeeractie te ondernemen.
  • Alleen passeren wanneer nr 1 rugdekking geeft


Opbouw van de oefenvorm

  • Eerst de basisformatie neerzetten
  • Men moet twee doeltjes verdedigen en op twee doeltjes aanvallen
  • Steeds vanuit het midden van het veld starten
  • Wanneer 1 speelt, schuiven de blauwe verdedigers op richting van de bal.
  • Nr 2 moet het veld groot en breed houden
  • Wanneer het vol zit voor een doeltje het spel verleggen naar de andere zijde


Coaching

  • Opletten dat men steeds uit de basisformatie start (ruitvorm).
  • In het midden starten waardoor er ruimte ontstaat om te kunnen spelen
  • Bij balbezit de ruimte groot en breed houden
  • Bij balverlies de directe weg naar het doel afsluiten

Voor deze leuke en interactieve voetbal warming up maak laat je de spelers een cirkel om je heen maken, zo’n 15 meter van je af. Zelf sta je dus in het midden van de cirkel.

Uitvoering:

  • Het startpunt van de spelers is hun plek in de cirkel, ze blijven “joggen” op hun plek.
  • Roep: “naar binnen” en alle spelers sprinten naar je toe tot een meter of twee van je vandaan. Daarna draaien ze om en sprinten weer snel terug naar hun plek waar ze in beweging blijven.
  • Roep: “naar buiten” en alle spelers spinten van je vandaan, totdat je “terug” roept, dan keert iedereen weer terug naar de beginpositie in de cirkel.

Kwaliteit:

  • Zorg dat spelers niet op hun platte voeten staan, maar altijd op hun tenen.
  • Spelers moeten flink zweten na deze oefening.

Vooruitgang:

  • Je kan verschillende varianten aanbrengen: sit-ups, push-ups, spring omhoog, knieën omhoog op basis positie, sprint naar rechts of links met het handhaven van de cirkelvorm.
  • Splits je team in vier teams van vier
  • 1 bal per team

Uitvoering:

  • Spelers spelen de bal rond binnen hun team van vier in het uitgezette gebied

Kwaliteit:

  • Spelers blijven voortdurend beweging, met veel tempowisselingen om de ruimte te vinden.
  • Elk team moet proberen om een ruit vorm te handhaven
  • Spelers moeten allemaal communiceren met teamgenoten, er moet gevraagd worden naar de bal en de naam van de speler moet geroepen worden door degene die de bal inspeelt
  • Passes moeten goed aankomen, in de ruimte of in de voeten.
  • Spelers mogen elkaar niet aanraken, ook mogen de ballen elkaar niet raken.
  • Voor deze oefening is grote oplettendheid nodig van de spelers.

Voortgang:

  • Voeg een passieve verdediger toe die elke bal kan verdedigen.
  • Voeg een verdediger toe die de bal mag veroveren.
  • Stel je team op in 2 lijnen (4-5 per lijn max) – slechts 1 bal nodig.

Uitvoering:

  • Spelers nemen de bal aan en spelen deze dan naar de eerste persoon in de lijn tegenover hen. Meteen na de pass trekken ze een sprintje en sluiten ze achteraan in de lijn die ze zojuist hebben ingespeeld. Dit herhaalt zich steeds.

Kwaliteit:

  • Spelers staan allemaal op hun tenen klaar voor de pass.
  • Passes zijn helder en nauwkeurig.
  • Spelers moeten roepen als ze de bal ingespeeld willen krijgen, en ook de naam roepen aan wie zij weer passen.
  • Met het eerste balcontact brengen ze de bal onder controle, het tweede balcontact is de pass naar de andere speler.

Voortgang:

  • Pas slechts één keer raken toe.
  • Laat één lijn de bal oppakken en deze onderhand teruggooien naar de andere lijn. Zij spelen de bal dan met een volleypass terug en sluiten daarna gewoon aan in de andere rij.
  • Laat spelers de bal met hun dijbeen aan nemen en onder controle brengen waarna ze de bal over de grond terugpassen.
  • Plaats een pion 5 meter aan weerszijden van het centrale punt tussen de 2 lijnen. Na de pass moeten de spelers om de pion lopen waarna ze aansluiten in de rij.
Advertentie

std-warming-up-incl-knie-blessure-oefeningen-sprint-2

  • Standaard warming up oefeningen twee rijen. 
  • Twee aanvoerders die de oefeinig afroepen. warming-up oefening bij tweede pion meteen sprint aanzetten. 
  • rustig uitlopen aan de andere kant. 
  • Snelheid in de oefening en oefeningen goed uitvoeren.
  • Naast standaard oefeningen knie blessure oefeningen:
  • 1 been door de knieen stap-sprong twee keer rechts dan twee keer links
  • dribbelen snel korte pas vooruit/dwars rechts/vooruit / dwars links
  • Na de oefeningen rekken

Oefening1 LOPEN RECHT VOORUIT

  • Jog naar het laatste dopje. 
  • Zorg dat je jebovenlichaam rechtop houdt. 
  • Je heupen, knieën en voeten moeten een lijn vormen
  • .Laat je knieën niet naar binnen knikken. 
  • Ren op de terugweg iets sneller. 
  • Doe de oefening twee keer.


Oefening 2 LOPEN HEUP UITDRAAIEN

  • Jog naar het eerste dopje. 
  • Stop en breng je knie voorwaarts omhoog. 
  • Draai je knie naar buiten en zet je voet neer. 
  • Zorg dat je je bekken horizontaal en je bovenlichaam stil houdt. 
  • De heup, knie en voet van het standbeen vormen samen een rechte lijn. 
  • Laat de knie van het standbeen niet naar binnen knikken. 
  • Jog naar het volgende dopje en herhaal de oefening met het andere been. 
  • Wanneer je klaar bent met het parcours, jog je terug. Doe de oefening twee keer.


Oefening 3 LOPEN HEUP NAAR BINNEN DRAAIEN

  • Jog naar het eerste dopje. 
  • Stop en breng je knie zijwaarts omhoog. 
  • Draai je knie naar binnen en zet je voet neer. 
  • Zorg dat je je bekken horizontaal en je bovenlichaam stil houdt. 
  • De heup, knie en voet van het standbeen vormen samen een rechte lijn. 
  • Laat de knie van het standbeen niet naar binnen knikken. 
  • Jog naar het volgende dopje en herhaal de oefening met het andere been. 
  • Wanneer je klaar bent met het parcours, jog je terug. 
  • Doe de oefening twee keer.


Oefening 4 LOPEN OM PARTNER HEEN 

  • Jog naar het eerste dopje. 
  • Shuffle zijwaarts, ineen hoek van 90 graden naar je partner, shuffle een hele cirkel om elkaar(zonder dat je van kijkrichting verandert) 
  • en terug naar het eerste dopje. 
  • Buig je heupen en knieën licht en verplaats je lichaamsgewicht naar de bal van je voeten. 
  • Laat je knieën niet naar binnen knikken. 
  • Jog naar het volgende dopje en herhaal de oefening. 
  • Wanneer je klaar bent met het parcours, jog je terug. 
  • Doe de oefening twee keer.


Oefening 5 LOPEN SPRINGEN MET SCHOUDERCONTACT 

  • Jog naar het eerste dopje. 
  • Shuffle zijwaarts, ineen hoek van 90 graden naar je partner. 
  • Spring in het midden naar elkaar toe om schouder-schoudercontact te maken. 
  • Land op beide voeten met je heupen en knieën gebogen. 
  • Laat je knieën niet naar binnen knikken. 
  • Shuffle terug naar het eerste dopje. 
  • Jog daarna naar het volgende dopje en herhaal de oefening. 
  • Wanneer jek laar bent met het parcours, jog je terug. 
  • Doe de oefening twee keer.


Oefening 6 LOPEN ACCELEREREN EN DECELEREREN 

  • Ren snel naar het tweede dopje 
  • en ren vervolgens achteruit terug naar het eerste dopje; 
  • houd daarbij je heupen en knieën lichtgebogen. 
  • Ren steeds twee dopjes naar voren en één terug. 
  • Wanneer je klaar bent met het parcours,jog je terug. 
  • Doe de oefening twee keer.
Advertentie
  • 3 lijnen paar meter uit elkaar. 
  • Elke lijn heeft een naam (appel peer of banaan). 
  • De kinderen beginnen op een lijn. 
  • Trainer roept een fruitsoort en de kinderen moeten zo snel mogelijk naar die lijn rennen.
Advertentie