Speler 1 (nummer 10) passt naar speler 2 (rechtsback).
Speler 2 passt naar speler 3 (spits), die iets inzakt.
Speler 3 kaatst de bal terug naar speler 1.
Speler 1 geeft een dieptepass naar de cornervlag.
Speler 2 en speler 4 (rechtsvoor) lopen diep.
Varianten
Variant 1: Speler 2 gaat diep en geeft een voorzet terwijl speler 4 en speler 3 in de spitspositie komen en speler 1 op de rand van het strafschopgebied blijft.
Variant 2: Speler 4 gaat diep, speler 2 en speler 3 lopen 5 meter in, en speler 1 blijft op de rand van het strafschopgebied. Speler 1 en speler 3 wisselen van positie.
De oefening kan ook in spiegelbeeld worden uitgevoerd aan de linkerkant.