background

handbal

Welkom bij de handbalsectie van Yoursportplanner. De juiste trainingen, oefeningen, toewijding en plezier vormen de sleutel tot succes. Op dit moment bieden we 894 handbaloefeningen aan en zijn er 1.690 handbaltrainingen gemaakt door handbaltrainers.

Bekijk oefeningen

  • Opzet
    • Verdeel het veld in een linker- en rechterhelft.
    • Spelers werken in tweetallen, elk tweetal heeft één bal.
    • De tweetallen stellen zich op in twee groepen langs de achterlijnen.
    Uitvoering
    • Een tweetal (bijvoorbeeld oranje 1 en 2) start met het opbrengen van de bal en probeert tot een schot te komen.
    • Op het moment van het schot start het tweetal aan de overzijde (bijvoorbeeld rood 1 en 2) met hun aanval aan hun kant van het veld.
    • Oranje 1 en 2 moeten na hun schot direct omschakelen naar verdediging en proberen de aanval van rood 1 en 2 te onderbreken.
    • Na het schot van rood 1 en 2 of bij balverlies, begint oranje 3 en 4 met hun aanval en verdedigen rood 1 en 2.
    • Het spel herhaalt zich met nieuwe tweetallen.
    Aandachtspunten
    • Let op de tijdige start van de aanvallers; deze moet niet te vroeg of te laat zijn.
    • Eventueel kan de start op een signaal van de trainer plaatsvinden.
    • Er wordt getraind op de snelle tegenaanval en de omschakeling van aanval naar verdediging.
    drawing Opbrengen wedstrijd
  • Uitvoering
    • Vorm twee rijen, één op de linkeropbouw (LO) en één op de rechteropbouw (RO) positie. Plaats twee spelers op de middenopbouw (MO) positie.
    • LO en RO werpen de bal naar de MO terwijl ze instarten.
    • De MO speelt de bal terug naar LO of RO net voor de vrije worplijn.
    • LO en RO maken twee passen en voeren een sprongworp uit richting het doel.
    • Beide groepen schieten op het doel, dus zorg ervoor dat je snel de bal pakt en goed oplet waar je schiet.
    Variatie
    • Laat de spelers over een dikke mat schieten voor extra uitdaging.
    Aandachtspunten
    • Draai open bij de eerste pas.
    • Houd de arm omhoog bij de eerste pas.
    • Spring hoog en niet naar voren tijdens de sprongworp.
    • Maak de worp volledig af.
    • Land op het afzetbeen.
    drawing 2-pas sprongworp met aanspelen
  • Uitvoering
    • De cirkelspeler staat in het midden tussen de twee verdedigers.
    • De linker aanvaller dreigt naar binnen, waardoor de rechter verdediger uitstapt.
    • De verdediger van de cirkel verdedigt aan de kant van de bal.
    • Wanneer de bal naar rechts gaat, dreigt de rechter speler naar binnen en stapt de linker verdediger uit.
    • De cirkelverdediger blijft aan de balkant verdedigen.
    • Rugdekking wordt gegeven door de linker of rechter verdediger.
    • De midden achter (MA) verdedigt de cirkelspeler.
    • Wissel na 1,5 minuut door tegen de klok in.
    Aandachtspunten
    • Begin langzaam en voer het tempo gedurende de oefening op naar wedstrijdsnelheid.
    • Wees alert op het geven van rugdekking.
    • De MA moet de cirkelspeler voortdurend naar de balkant afschermen.
    drawing Samenwerking verdedigers met midden achter en cirkel
  • Uitvoering
    • 1e fase: Hoekspeler speelt de bal naar een opbouwspeler en ontvangt deze direct terug, waarna de hoekspeler op doel schiet.
    • 2e fase: Hoekspeler speelt naar een opbouwspeler, deze speelt door naar een andere opbouwspeler, waarna de bal terug naar de hoekspeler gaat die op doel schiet.
    drawing Aanspelen inkomende hoekspeler
  • Doel
    • Voetenwerk, wendbaarheid, achterwaarts bewegen, coördinatie en wedstrijdgerichte versnelling.
    Opstelling
    • Twee identieke rechthoeken naast elkaar.
    • Per rechthoek: 2 rijen van 4 hoedjes.
    • Afstand tussen hoedjes in één rij: ± 1 meter.
    • Afstand tussen de twee rijen: ± 2 à 3 meter.
    • Op ± 10-15 meter afstand ligt de middenlijn als eindpunt.
    • Groep verdelen in twee teams. Elk team achter zijn eigen startpunt.
    Uitvoering
    • Fase 1: Vooruit - schuin - achteruit
      • Start bij hoedje 1.
      • Sprint recht vooruit naar hoedje 2.
      • Beweeg met snelle, kleine pasjes schuin naar hoedje 3.
      • Vanaf elk hoedje steeds achterwaarts terug naar het beginhoedje.
      • Herhaal: vooruit naar het volgende hoedje tot alle vier zijn gehad.
      • Tempo hoog, lage houding.
    • Fase 2: Slalommend schuiven
      • Na het vierde hoedje: direct door naar de tweede rij van vier hoedjes.
      • Zijwaarts schuivend slalommen tussen de hoedjes.
      • Romp laag, armen actief.
      • Niet kruisen met de voeten.
    • Fase 3: Eindsprint
      • Na het laatste hoedje: volle sprint naar de middenlijn, raak hoedje aan.
      • Terug sprinten.
      • Tik de volgende speler aan.
    Wedstrijdvorm
    • Twee of drie teams tegen elkaar.
    • Punt voor het team dat als eerste alle spelers over de middenlijn heeft.
    • Verliesteam doet 5 push-ups of 5 sprongkrachtacties.
  • Uitvoering
    • De hoekspeler start in en speelt samen met de opbouwer naast zich.
    • Ze bewegen van de linkeropbouw/linkerhoek positie naar de rechterzijde.
    • De rechteropbouw en middenopbouw schuiven een positie naar links.
    • De cirkelspeler zet een sper op de derde verdediger.
    • De linkeropbouw speelt de tussen 2-3 inlopende linkerhoek aan.
    • De andere opbouwers bewegen zodat ze als bliksemafleider fungeren.
    Variatie
    • Contra naar linkeropbouw of middenopbouw die is doorgeschoven.
    Aandachtspunten
    • Passing
    • Timing
    • Sper
    drawing Dubbele wissel bij opbouw
  • Opstelling
    • Zet de situatie twee keer uit.
    • Begin met een speedladder. Beweeg zijwaarts door de ladder met twee voeten binnen en één voet buiten de ladder.
    • Daarna volgen drie hordes, oplopend van laag naar hoog, waarover gesprongen moet worden.
    Uitvoering
    • Onderweg neem je een zakje uit de emmer mee.
    • Welk team heeft als eerste alle zakjes aan de andere kant en sprint daarna als eerste naar de finish?
    • De eindsprint mag pas ingezet worden als het laatste zakje is neergelegd!
  • Startopstelling
    • Iedere speler krijgt een nummer.
    • Swiss bal in het midden.
    • Spelers staan in een cirkel rond de Swiss bal.
    Uitvoering
    • Spelers cirkelen rond de bal, zijwaarts of achterwaarts-voorwaarts.
    • Wanneer een nummer wordt geroepen, reageert de betreffende speler, neemt de bal en werpt deze naar de weggelopen spelers.
    • Add-on: De speler die geraakt wordt, pakt de Swiss bal en probeert nog iemand te raken.
    Coach Notes
    • Bewegen rond de cirkel.
    • Reageer op richtingsveranderingen.
    • Beweeg verbeteren, focus verbeteren.
  • Spelbeschrijving
    • Begin met één aangewezen tikker.
    • De overige spelers krijgen enkele tellen om weg te rennen.
    • Wanneer de tikker iemand tikt, vormen zij samen een ketting door elkaars handen vast te houden.
    • Bij een ketting van vier tikkers, splitsen zij zich in duo's en proberen de overige spelers te tikken.
    • Het spel gaat door totdat er alleen tikkers over zijn.
  • Doel
    • Aanleren en verfijnen van een nieuwe variant passeerbeweging: afdraai naar links (tegen schotarm).
    Uitvoering
    • Zet een verdediger neer (paaltje, dummy, speler).
    • Gebruik een doel of pionnen als doel, met daarin een keeper.
    • Werk in groepjes van 2 of 3 spelers.
    • Begin eerst zonder bal, daarna met bal.
    Regels
    • Na het gooien haal je zelf de bal op.
    • Je ontvangt de bal in de sprong zodat je tweevoetenlanding geldt als nulpas.
    Aandachtspunten
    • Technisch:
      • Rechtshandige speler: na de tweevoetenlanding draai je met het rechterbeen achteruit en zet je deze neer.
      • Maak één stap met links richting het doel.
      • In de draai breng je je arm al in schotpositie (dus omhoog brengen).
      • Blijf zoveel mogelijk rechtop.
      • Zet af met je linkerbeen en maak je sprongworp op doel.
      • Een linkshandige speler doet dit precies andersom.
    • Tactisch: Maak je nulpas zoveel mogelijk aan de rechterkant (rechtshandige speler) van de verdediger.
    • Fysiek/mentaal: Eventueel rijtje linkshandig en rijtje rechtshandig maken, achter elkaar doorgaan.
    Oefening opbouwen in moeilijkheid
    • Stap 1: Zonder bal (verdediger is paaltje).
    • Stap 2: Met eigen bal tippend (verdediger is paaltje).
    • Stap 3: Bal ontvangen van de verdediger (verdediger is speler).
    • Stap 4: Bal ontvangen van medespeler.
    • Stap 5: Twee rijtjes tegenover elkaar. Je kruist elkaar in het midden en na passeerbeweging pass je de bal naar de voorste speler van het rijtje en sluit achteraan.
    Extra uitdaging
    • Spelers die dit al goed kunnen, kunnen ook oefenen met afdraai richting schotarm.
    • Rechtshandige speler: na tweevoetenlanding met het linkerbeen wegdraaien en met rechts laatste pas richting het doel.
    • Linkshandige speler: na tweevoetenlanding met het rechterbeen wegdraaien en met links laatste pas richting het doel.
    drawing Passeren en afdraaien tegen schotarm
Als enthousiaste coach en gepassioneerde handbaltrainer vind je hier de ultieme bron voor trainingsoefeningen, tactische inzichten en hulpmiddelen om effectieve trainingen te creëren. Of je nu met jeugd of volwassenen werkt, met beginners of ervaren spelers, Yoursportplanner voorziet je van alle informatie en hulpmiddelen die je nodig hebt om je doelen te bereiken in de sport waar je zoveel van houdt. Aarzel niet en ga snel verder om je handbaltrainingen samen te stellen en de prestaties van je handbalteam te verbeteren.

Bekijk trainingen

Registreer vandaag!

Registreer vandaag!

Registreer vandaag!

Registreer Registreer Winning team