Speel 3:3 of 2:2, welke groep maakt als eerste 3 doelpunten. Het gaat niet om het harde lopen, maar om het slimme lopen en goed kijken.
Je hebt maar 1 of 2 medespeelsters waarna je moet kijken. Wie loopt vrij en/of wie kun jij vrijzetten door een slimme gooi beweging, waarbij je kijkt naar de positie van de verdediger.
Speel de bal diep het vak in. Degene die de bal speelt, pakt de afvang. De tweede dame speelt de bal door naar één van de andere speelsters en komt vervolgens via het blok bij de paal tot een aangeef. De speelster met de bal speelt de bal in en de andere dame maakt op dat moment een doorbraak of uitwijk beweging en schiet. Degene die de bal vangt plaatst weer uit naar de uitgewaaierde vakgenoten. Zij gaat vervolgens weer naar de paal om te vangen. Als de positie is ingenomen en er kan niet geschoten worden, komt de volgende passer in de aangeef. Na ontvangst van de bal passt zij uit. enz.
We oefenen dit eerst zonder tegenstander en vervolgens met tegenstandster
maak 20 uitwijkballen en 20 afstandsschoten
Speel in het 4:4, waarbij de aanval 3 kansen krijgt om tot scoren te komen. Als wordt raak geschoten neemt het scorende vak een vrije bal. Wordt de vrije bal benut, dan mag ook een strafworp worden genomen.
In het aanvalsspel wil ik dat eerst de afvang wordt ingevuld. Dat mag ook dynamisch. Als het spel weer verder gaat, kijk je eerst naar de organisatie en dan pas naar de schatkansen