Met 2-tallen bewegen rond de paal en schieten. Elke 2 minuten wisselen van 2-tal. De winnaar schuift door.
Elke oefening wordt steeds 1 minuut gedaan per tweetal. Als de minuut vol is, wordt de oefening afgemaakt.
blauw plaatst bal naar voren en loopt zijwaarts uit, zij krijgt de bal van rood, rood komt naar haar toe, krijgt de bal en schiet. Blauw vangt af
beide speelsters schieten 5 series van 5 schoten
bal is voorin bij rood. wit beweegt op en neer waardoor het lijkt dat zij de bal bij rood gaat halen. blauw sprint van de paal opzij en krijgt de bal van rood. rood sprint naar de paal om de afvang te pakken. wit komt naar de plek van rood, krijgt de bal en schiet. rood vangt af en geeft de bal aan wit en sprint zijwaarts uit. rood krijgt de bal en wit spurt naar de paal om af te vangen, blauw komt voor de korf tot schot.
maak 5 series van 5 uitwijkballen
wie scoort er meer dan 10x
op 3 meter voor de paal opgooien, vanaf 8 meter starten op het moment dat de bal wordt opgegooid. neem een doorloopbal. scoor ieder 10x
scoor 5x pp vanaf 4 meter en daarna van 2 meter. max 7 en 6 beurten.
2 korven op 7 meter van elkaar. bij elke korf 1, 2 of 3 spelers
welke korf scoort als eerste 10x. Als de bal de korf raakt en terugstuiterd, dan mag een doorloopbal of kortkansje worden genomen. Mag maar 1x de grond raken.