Voetbaltrainingen die direct werken

Oefeningen, warming-ups en complete trainingen voor trainers, coaches en teams

  • ✔ Meer dan 1100 voetbaloefeningen
  • ✔ Maak trainingen in 5 minuten
  • ✔ Maak je eigen oefeningen met onze tekentool
  • ✔ Alles overzichtelijk op één plek
Probeer 7 dagen gratis
Geen betaalgegevens nodig
voetbal training

Voetbaloefeningen voor o17 jeugd

Laatste update: januari 2026
Uitvoering
  • Alle spelers joggen in een vierkant over het veld.
  • De helft van de spelers heeft een bal.
  • Spelers met bal passen naar spelers zonder bal, met oogcontact.
  • De bal mag niet langer dan 5 seconden worden vastgehouden.
  • Bij een fluitsignaal van de trainer sprinten spelers zonder bal naar een nabije speler met bal en proberen de bal af te pakken.
  • Spelers met bal proberen de bal af te schermen (1:1 duel).
  • Bij een volgend fluitsignaal hervatten we het joggen en passen.
Variant
  • Bij een oneven aantal spelers krijgt de speler zonder directe tegenstander een opdracht, bijvoorbeeld sprinten over de breedte van het veld.
Het spelprincipe
  • Zo snel mogelijk omschakelen staat centraal tijdens deze oefening. 
  • Je kan als coach natuurlijk altijd zelf kiezen in deze oefening waar je de nadruk op legt: het omschakelen naar balbezit of juist het omschakelen na balverlies. 

De oefenvorm
  • De rode partij speelt in het rode vierkant een positiespel 7 vs 5. 
  • Als geel de bal verovert, speelt de speler van de gele partij een medespeler aan in het gele vierkant. 
  • De 5 gele spelers uit het rode vierkant plus 5 willekeurige rode spelers verplaatsen naar het gele vierkant. 
  • Omschakelen dus. In het gele vierkant gaat vervolgens het positiespel verder 7 tegen 5, totdat rood de bal verovert en de bal weer naar het rode vierkant speelt. 
  • Dan schakelen de spelers weer om naar het rode vierkant. 

Coaching
Los van of het positiespel goed verloopt gaat het natuurlijk vooral om de omschakeling. Daarom:

  • Omschakeling naar balbezit: wordt het spel daadwerkelijk z.s.m. verplaatst naar het andere vierkant?
  • Omschakeling na balverlies: kan de pass naar het andere vierkant nog voorkomen worden? Door direct druk te zetten op de bal
  • Omschakeling na balverlies: als de spelverplaatsing niet voorkomen kan worden, schakelen er dan 2 spelers z.s.m. om naar het andere vak?



drawing Passvorm van kant wisselen deel 2
  • Duur: 
    • +-20 min
  • Afstand: 
    • Vanuit blauwe pion 6 mtr breed en 10 mtr terug 
  • Uitvoering: 
    • Spelers A spelen naar B die draaien open en geeft de bal mee aan de inlopende spelers C. 
    • C loopt in als A inspeelt. 
    • C speelt de bal door naar de tegenoverstaande speler.
  • Coach moment: 
    • A passing op juiste snelheid. 
    • B bal vragen aan A en open draaien juiste snelheid bal inspelen op C.
    • C op moment dat A inspeelt meteen inlopen.
drawing bal afschermen

Duur: +- 15 min

  • Afstand:  
    • Tussen rode pionnen 4 mtr.
  • Uitvoering: 
    • B start aan achterste lijn met een actieve verdediger in de rug.
    • B vraagt de bal en A speelt hem in.
    • B houdt de bal 10 tellen aan de voet en speelt dan terug op A.
    • Na 5x wisselen van plaats.
  • Coach moment: 
    • Speler B gaat tegen de verdediger aan staan.
    • Met zijn hand gedraaid zodat de binnenkant handpalm tegen de buik tegenstander is. 
    • Op moment dat hij de bal wilt vragen zet hij zich af tegen de tegenstander en loopt dan naar midden van het vak. 
    • Om de bal af te schermen dient hij zijn lichaam tussen de bal en tegenstander te houden.
drawing Afronden actieve verdediger

Duur +- 15 min

  • Afstand: 
    • Rode pionnen 20 mtr van goal 10 mto breed van goal 
    • Blauwe pionnen midden van goal 25 mtr en 30 mto van goal
    • Witte pinnen 15 mto achter rode pionnen
  • Speler A begint 10 mtr van af blauwe pion
  • Uitvoering: 
    • Speler B vraagt de bal met active verdediger in de rug ( pakt verdediger de bal speelt hij C in zodat oefening door loopt) 
    • B schermt de bal af en speelt daarna C in (verdediger loopt niet door op C) 
    • C staat open gedraaid en speelt D in
    • D legt bal breed en rond af
  • Doorschuiven:
    • A-B B wordt verdediger
    • verdediger wordt C 
    • C wordt D
    • D sluit achter aan
  • Coach moment: 
    • B afzetten tegen verdediger
    • C open gedraaid staan
    • C na inspelen D meteen doorlopen
    • 2 benig afronden


  • Alle spelers joggen in over het veld (vierkant)
  • De helft van het aantal spelers heeft een bal
  • de spelers met bal passen de bal naar een speler zonder bal (oogcontact).
  • De spelers mogen de bal niet langer dan 5 sec bij zich houden


  • Op het moment dat de trainer fluit (signaal geeft) sprinten alle spelers zonder bal zo snel mogelijk naar de speler die dichtbij staat en wel een bal heeft en proberen deze bal af te pakken.
  • De speler die de bal heeft moet proberen de bal af te schermen. (1:1 duel)
  • Wanneer de trainer weer op de fluit blaast gaan we weer over op joggen en passen!


Leuke variant is wanneer je een oneven aantal spelers hebt, de speler die geen directe tegenstander kan vinden krijgt een opdracht (bijvoorbeeld sprint over breedte van het veld)

Leuk spel om het kantelen tijdens een wedstrijd te oefenen. De meiden/jongens moeten snel omschakelen van verdedigen naar aanvallen en bij welk goal ze nu moeten scoren. 

Zet de goaltjes neer zoals hieronder aangegeven. Op ieder goaltje moet een andere kleur hoedje komen te liggen. Je kan het veld zo klein/groot maken als je wilt, dit in samenhang met het aantal meiden die er zijn. 

Je maakt 2 teams, je kan met onder/over tal spelen maar is niet noodzakelijk. Vertel de meiden/jongens goed dat ze samenwerken en niet in hun eentje zo veel mogelijk goals moeten maken. 

 Je zet de meiden/jongens in start positie en laat ze even ballen. Daarna roep je de kleur van een hoedje op het goaltje en moeten ze proberen daar te scoren. Totdat je een nieuwe kleur hebt geroepen moeten ze bij dat goaltje blijven scoren. Je begint met iedere 30-60 seconden een andere kleur te roepen maar dit kan steeds sneller als het goed gaat.

Dit spel kan je zo lang als je wilt laten doorgaan als de meiden maar niet te moe worden. Blessures moet je namelijk voorkomen en het moet niet saai worden.

Als je een extra 'dimensie' wil toevoegen kan je zorgen dat  iedere keer dat de bal uit is jij ,vanaf de zijkant, de bal inpasst.  De meiden moeten dan in de bal komen en als ze dit niet doen wordt de bal niet gespeeld. Op deze manier gaan ze zelf nog meer de ruimte opzoeken en leren ze nog beter aanbieden.

Deze oefening kan je op verschillende moeilijkheidsgraden doen, ik heb hem gedaan bij een 4e divisie team maar ook bij een 2e klasse team. Het is een hele leuke en leerzame oefening.

positiespel-met-goaltjes-met-verschillende-kleuren-hoedjes-2


  • De aanvallers proberen zo snel mogelijk te komen tot een kans of doelpunt
  • De verdedigers proberen de aanvallers zo lang mogelijk op te houden en ze naar 1 kant te dwingen
  • De verdedigers in ondertal zorgen dat ze dicht bij elkaar blijven zodat ze elkaar kunnen helpen
  • Niet uitstappen in ondertal, wachten tot de tegenstander de bal naar de zijkant brengt om dan druk te zetten en de tegenstander aan de zijkant te houden


3-k-tegen-3-k-met-2-neutrale-1

  • Beide teams kunnen scoren op een groot doel met keeper
  • Als de bal uit is, inspelen voor de aanvallers, inspelen of indribbelen voor de verdedigers
  • Bij een hoekschop of achterbal, starten bij de keeper van het drietal
  • Dubbele score wanneer het tweetal scoort
  • Na inspelen van de doelverdediger drietal, doet deze niet meer mee in de opbouw
  • Na verloop van tijd wisselen de teams van functie


3-tegen-2-grote-doelen-1

verbeteren-passen-trappen-zowel-links-als-rechts-en-aannemen

Inhoud 

  • Nr 1 speelt de bal in op nr 2
  • Nr 1 geeft aan dat hij geen tijd heeft
  • Nr 2 komt in de bal en kaatst de bal
  • Nr 1 geeft de bal direct terug
  • Nr 2 speelt de bal door naar nr3
  • Nr 3 speelt vervolgens naar Nr 4
  • De nrs 1 en 3 beginnen met een bal
  • Na verloop van tijd wordt er gespeeld in omgekeerde richting


Opbouw van de oefenvorm

  • Bij nr 1 speler met één bal
  • Bij nr 2 twee speler zonder bal
  • Bij nr 3 speler met één bal
  • Doorschuiven van nr 1 naar nr 4 etc.
  • Afstanden vergroten/verkleinen
  • Inspelen op het buitenste been
  • Oogcontact en in de bal komen
  • Degene die inspeelt, geeft aan of men tijd heeft
  • Nr 2 en 4 moeten ruimte creëren


Coaching Materiaal

  • Bij nr 2 eerst weg van de bal om vervolgens in de bal te komen 
  • Wanneer nr 1 controle over de bal heeft, dan pas in de bal komen
  • Zorgen dat men niet tekort op elkaar komt te spelen dat is nl makkelijk te verdedigen
  • Help je medespeler door "kaats" aan te geven
  • Opletten dat het juiste been wordt gebruikt

het-beoefenen-van-het-in-de-bal-komen

Inhoud 

  • Nr 1 speelt de bal in op nr 2
  • Nr 1 geeft aan dat hij tijd heeft
  • Nr 2 komt in de bal en neemt hem met rechts aan en speelt hem door naar nr 3 met zijn linker been
  • Nr 3 speelt vervolgens naar nr 4
  • De nrs 1 en 3 beginnen met een bal
  • Na verloop van tijd wordt er gespeeld in omgekeerde richting heeft


Opbouw van de oefenvorm

  • Bij nr 1 speler met één bal
  • Bij nr 2 twee speler zonder bal
  • Bij nr 3 speler met één bal
  • Doorschuiven van nr 1 naar nr 4 etc.
  • Afstanden vergroten/verkleinen
  • Inspelen op het buitenste been
  • Oogcontact en in de bal komen
  • Degene die inspeelt, geeft aan of men tijd


Coaching Materiaal

  • Bij nr 2 eerst weg van de bal om vervolgens in de bal te komen 
  • Wanneer nr 1 controle over de bal heeft, dan pas in de bal komen
  • Zorgen dat men niet tekort op elkaar komt te spelen dat is nl makkelijk te verdedigen
  • Help je medespeler door "tijd" aan te geven
  • Opletten dat het juiste been wordt gebruikt

verbeteren-passen-trappen-1-2-dribbelen-en-communicatie

Inhoud 

  • Nr 1 speelt de bal in op nr 2
  • Nr 1 geeft aan dat hij geen tijd heeft
  • Nr 2 komt in de bal en legt de bal terug naar nr 1
  • Nr 1 speelt de bal in op nr 3
  • Nr 3 komt in de bal en dribbelt naar nr 1
  • Na verloop van tijd wordt er gespeeld
  • via nr 4 waarbij het andere been getraind


Opbouw van de oefenvorm

  • Bij nr 1 spelers met een bal
  • Bij nr 2 speler zonder bal
  • Bij nr 3 twee spelers zonder bal
  • Doorschuiven van nr 1 naar nr 3
  • Afstanden vergroten/verkleinen
  • Inspelen op het buitenste been
  • Oogcontact en in de bal komen
  • Bij nr 2 een verdediger erbij plaatsen wordt Nr 1 roept "kaats" (communicatie)


Coaching Materiaal

  • Bij nr 2 eerst weg van de bal om vervolgens in de bal te komen 
  • Wanneer nr 1 controle over de bal heeft, dan pas in de bal komen
  • Zorgen dat men niet tekort op elkaar komt te spelen dat is nl makkelijk te verdedigen
  • Help je medespeler door "kaats" aan te geven
  • Opletten dat het juiste been wordt gebruikt

verbeteren-passen-trappen-zowel-links-als-rechts

Inhoud

  • Nr 1 speelt de bal in op nr 2
  • Nr 1 geeft aan dat hij tijd heeft
  • Nr 2 komt in de bal en neemt hem met rechts aan en speelt hem door naar nr 3 met zijn linker been
  • Nr 3 komt in de bal en dribbelt naar nr 1
  • Na verloop van tijd wordt er gespeeld via nr 4 waarbij het andere been getraind wordt


Opbouw van de oefenvorm

  • Bij nr 1 spelers met een bal
  • Bij nr 2 speler zonder bal
  • Bij nr 3 twee spelers zonder bal
  • Doorschuiven van nr 1 naar nr 3 
  • Afstanden vergroten/verkleinen
  • Inspelen op het buitenste been
  • Oogcontact en in de bal komen
  • Nr 1 roept dat hij tijd heeft (communicatie)
  • Omdat hij tijd heft er dusgeen verdediger bijplaatsen


Coaching

  • Bij nr 2 eerst weg van de bal om vervolgens in de bal te komen 
  • Wanneer nr 1 controle over de bal heeft, dan pas in de bal komen
  • Zorgen dat men niet tekort op elkaar komt te spelen dat is nl makkelijk te verdedigen
  • Help je medespeler dat hij tijd heeft.
  • Opletten dat het juiste been wordt gebruikt

loopacties-van-de-spelers-zonder-bal-verbeteren-1

Organisatie:

Er word 2:2 gespeeld op 2 velden. De spelers in de zogenaamde spitsenvakken aan de boven- enonderkant dienen als doel.
Ze kunnen scoren door hun medespeler in het spitsenvak aan te spelen, hij moet de bal wel in dit vak onder controle krijgen. Na een doelpunt mag de andere partij beginnen.
Hierna word het spel gespeeld met een kaats. De spits krijgt de bal en moet hem direct terug spelen naar een medespeler. Pas nu is er een punt behaald.
De spitsen mogen niet uit hun vak komen, en de andere spelers mogen niet in het spitsenvak.
Na 8 minuten doorwisselen

Aandachtspunten:

Eerst kijken of de andere speler de bal goed heeft aangespeeld, daarna vragen om de bal door een loopactie.
Als je zuiver passt, dan kan de spits ook goed terug spelen.

leren-scoren-uit-verschillende-posities

Organisatie:

Er word 3:3 gespeelt met extra spelers aan de zijkanten, de buitenspelers. Deze 2 spelers zijn bij de balbezittende ploeg.
Stimuleer om de buitenspelers snel aan te spelen.
De buitenspelers mogen eerst ook nog dribbelen met de bal.
Na enkele minuten moeten ze of direct spelen of aannemen en spelen.
Loopt dit erg goed dan kun je de 2 buitenspelers ook direct laten spelen.
De spelers aan de zijkanten mogen niet scoren.
Na 10 minuten of iets minder de buitenspelers wisselen.

Opmerkingen:

Nadat de buitenspelers moeten aannemen en spelen loopt de partij beter. Er komt nu meer
voetbal in het spel, terwijl er in het begin nog veel door de buitenspelers werd gelopen met de
bal.

Aandachtspunten:

Probeer direct te spelen.
Kijk of ze de zijkanten benutten en niet altijd voor eigen succes gaan.

beter-leren-positie-te-kiezen

Organisatie:

Er word 2 tegen 1 gespeeld. Als er dan nog 2 spelers over zijn spelen die 1:1 op een smaller veld.
Het 2-tal probeert te scoren op de 2 goaltjes.
Na ongeveer 8 minuten doorwisselen.
Als het 2-tal het te makkelijk heeft, kun je de 2 goaltjes dichter bij elkaar zetten.

Opmerkingen:

Door de vele 1:1 duels kun je al gauw zien of ze het goed of minder goed doen. Ga niet in de
eerste partij al aanwijzingen geven. Geef ze de kans om zichzelf te verbeteren.

Aandachtspunten:

Voorkomen dat de tegenstander op goal kan schieten.
Zo gaan staan dat je tegenstander moeilijk zijn medespeler kan aanspelen.

Organisatie:

Op 2 velden word 3:3, 4:4 of 4:3 gespeeld.
Er kan gescoord worden met een dribbel door een van de twee goaltjes.
Probeer ze eerst aan te zetten om passeeracties te maken.
Als dat goed gaat kun je ook nog er op letten of ze de juiste keuze maken tussen een passeeractie of overspelen.
Na ongeveer 10 minuten een andere tegenstander.

Opmerkingen:

Bij het wisselen van tegenstanders kun je aangeven welke mooie passeeracties je gezien hebt.

Aandachtspunten:

De passeeractie niet te ver of te dicht bij de tegenstander inzetten.
Het lichaam moet meebewegen om een schijnbeweging te laten slagen.

Organisatie:

Op 2 of 3 velden word 4:4, 3:3 of 2:2 gespeelt.
Stimuleer het schieten van afstand.

Aandachtspunten:

Technische uitvoering van de trap met de binnenkant van de voet:
Standbeen; punt in de speelrichting; gebogen in de heup, knie en enkel.
Speelbeen; naar buiten gedraaid; knie en enkel gebogen.
Speelvoet; loodrecht op de speelrichting; voetzool parallel met de grond; tenen opgetrokken; bij
de trap geen slap enkeltje.
Een gecontroleerde zwaaibeweging.

Technische uitvoering van de trap met de binnenkant van de wreef:
Standbeen;2 tot 3 voetbreedten naast de bal; in de knie gebogen.
Raakvlak; aan de binnenkant van de plek waar de veters beginnen.
Aanloop vanuit een hoek van ongeveer 45º.

de-handelingssnelheid-met-de-bal-verhogen

Organisatie:

Er word 8 tegen 4 gespeeld.

6:3, 7:3, 7:4, 9:4 of 9:5 is ook mogelijk.

Bij meer of minder spelers moeten de afmetingen worden aangepast.

Het 8-tal mag scoren na 5 keer overspelen.

Het 4-tal mag altijd proberen te scoren.

Als de bal door het 4-tal onderschept wordt, als de bal uit gaat of nadat gescoord is, moet er

opnieuw geteld worden.

Na, in totaal, 5 doelpunten of na 10 minuten doorwisselen.

Om het makkelijker of moeilijker te maken kan het aantal keer overspelen veranderd worden.

Aandachtspunten:

De linker en rechter voet gebruiken.
Indien mogelijk de bal laag houden
Aanname met de juiste voet.
Juiste balsnelheid.
Direct spelen.


4-tegen-4-altijd-1-passeren

Veldopstelling:

2 grote doelen

Spelverloop:

Dit kan in 4 tegen 4 of 3 tegen 3 of zelfs 2 tegen 2 opstelling. De spelers moeten altijd 1 speler passeren alvorens de bal wordt overgepast naar de medespeler.

Spelregels/tips:

  • Als er is gescoord wordt of over de lijn wordt geschoten moet de bal aan het andere team worden gegeven.
  • Er mag niet van eigen helft worden gescoord.
  • Er moet altijd 1 speler worden gepasseerd alvorens mag worden overgespeeld. Als dit niet wordt gedaan is het een vrije bal voor de tegenpartij.

dieptepass-met-verdedigers

Veldopstelling:

1 vertrekpion op 30 meter afstand van de goal. Een verdediger op 10 meter van de goal. Een keeper op de goal. Een 2de verdediger bij de opkomende aanvaller.

Spelverloop:

Volgens nummering in schema wordt de pass van aanvaller via middenvelder diep gespeeld. De verdediger loopt mee met de aanvaller terwijl de middenvelder richting de keeper loopt om daar de bal te krijgen en probeert te scoren.

Spelregels/tips:

  • Verdedigers starten op 50% inzet en verhogen dit later.
  • Zorg dat de bal goed diep wordt gespeeld .
  • De voorzet mag zowel van links (in voorbeeld) als van rechts worden gegeven.
  • Een variant hierop is om met 2 middenvelders op te komen en 1 richting eerste paal te laten lopen.

met-bal-naar-overkant

Veldopstelling:

Veld afzetten met 4 pionnen op 10 bij 10 meter.

Spelverloop:

Er worden 2 groepen gemaakt. De ene groep loopt horizontaal van links naar rechts en de andere groep van onder naar boven. Als de andere kant is bereikt moet op het fluitsignaal weer worden teruggegaan.

Spelregels:

  • Je mag geen andere speler of de bal van de speler raken.
  • Als je iemand raakt dan krijg jezelf en de speler die je raakt 1 strafpunt.
  • Je mag pas overlopen op het fluitsignaal van de trainer.

passeer-de-verdediger

Veldopstelling:

1 vertrekpion op 30 meter afstand van de goal. Een verdediger op 20 meter van de goal. Een keeper op de goal.

Spelverloop:

Speler dribbelt richting de goal en probeert de verdediger te passeren en daarna een goal te scoren bij de keeper.

Spelregels/tips:

  • Pas als de eerste speler klaar is mag de tweede, etc.
  • Begin met 50% verdedigen en voer het later op.
  • Probeer verschillende passeerbewegingen.
  • Probeer altijd na de passeer beweging er voor te zorgen dat de bal voor je goed schietvoet komt.
  • Voor de keeper: pas als de aanvaller de verdediger voorbij is moet worden uitgelopen.

sneldribbelen-met-de-bal

Veldopstelling:

4 x 4 pionnen in een rechthoek opstelling.

Spelverloop:

Bij het 1 x fluitsignaal wordt met de bal door alle spelers naar vierkant 1 gelopen, bij 2 x fluitsignaal naar vierkant 2, etc.

Spelregels:

  • De speler die het eerst met de bal in het vierkant is krijgt 1 punt.
  • De speler die het laatste in het vierkant is moet een rondje om het totale speelveld sprinten.

dribbel-en-schiet-pionnen-omver

Veldopstelling:

4 tot 6 pionnen waarlangs gedribbeld moet worden. 2 x een pion in het doel.

Spelverloop:

Speler dribbelt langs/door de pionnen en probeert in één beweging middels een hard schot (dus bovenkant voet) één van de pionnen omver te schieten.

Spelregels/tips:

  • De speler moet zelf zijn bal uit het net halen.
  • De speler moet zelf de pion rechtop zetten.
  • De speler moet zelf de bal ophalen die hij heeft misgeschoten.
  • Een andere speler mag pas beginnen als de eerste speler zijn bal heeft weggepakt.

kappen-met-de-bal

Veldopstelling:

4 x 4 pionnen in een rechthoek opstelling.

Spelverloop:

Elke speler sprint vanuit het vierkant van pionnen naar het vierkant van pionnen aan de overkant. Daar aangekomen wordt de bal met een kapbeweging (binnen- of buitenkant voet) in de tegenovergestelde richting gestuurd.

Nu wordt weer naar de andere kant gesprint om ook in dat vierkant met een kapbeweging de bal weer de andere kant op te sturen.

Spelregels:

  • De bal mag niet buiten het vierkant van pionnen komen.
  • Er moet 2 x heen en terug worden gesprint alvorens de volgende speler mag.

alleen-op-de-keeper-af

Veldopstelling:

1 pion waar vanaf gestart wordt.

Spelverloop:

Speler sprint met de bal op de keeper af en probeert te scoren.

Spelregels/tips:

  • De speler moet zelf zijn bal uit het net halen.
  • De speler moet zelf de bal ophalen die hij heeft misgeschoten.
  • Een andere speler mag pas beginnen als de eerste speler zijn bal heeft weggepakt.

voorzetten-via-dieptepass

Veldopstelling:

5 pionnen waarvan 2 x 2 aan elke kant en 1 in het midden als startpositie.

Spelverloop:

Spelernummer 2 passt de bal naar spelernummer 3 die de bal terugpasst naar de spelernummer 2. Spelernummer 3 loopt nu door naar de pion linksvoor en wacht op het ontvangen van de bal van speler 2. Speler 2 zelf loopt door naar het pionnetje voor het doel. Spelernummer 3 geeft de bal voor en speler 2 probeert te scoren op de keeper.

Spelregels/tips:

  • De nummers in de afbeelding hiernaast geven de volgorde aan.
  • Probeer zowel langs de linker als de rechterkant de bal voor te zetten. Wissel als iedereen 1 x is geweest.
  • Om het eerst makkelijk te maken kun je ook eerst starten zonder keeper.

28 van de 1147 voetbal oefeningen

Ontgrendel alle oefeningen

Geen betaalgegevens nodig