Scoor 40 doorloopballen
10 onderhands, 10 x links, 10x rechts en 10x bovenhands.
bal is voorin bij rood. wit beweegt op en neer waardoor het lijkt dat zij de bal bij rood gaat halen. blauw sprint van de paal opzij en krijgt de bal van rood. rood sprint naar de paal om de afvang te pakken. wit komt naar de plek van rood, krijgt de bal en schiet. rood vangt af en geeft de bal aan wit en sprint zijwaarts uit. rood krijgt de bal en wit spurt naar de paal om af te vangen, blauw komt voor de korf tot schot.
Dame onder de paal gooit uit, ontvanger van de bal schiet, de afgevangen bal gaat weer naar de schutter, de andere dame komt in het zicht van de balbezitter en krijgt de bal aangespeeld. Zij schiet. Vervolgens krijgt zij de bal terug en komt de eerste dame in het zicht van de aangever en schiet.
Na 10 schoten wordt van functie gewisseld. Elke speelster komt 3x onder de paal.
Welk drietal scoort meer dan 15 x
per opdracht 1x rustig om te oefenen en 5x snel
1. zijwaarts naar rechts
2. sprint diagonaal
3. rustig achterwaarts
4. sprint diagonaal
5. hinkelen
6. zijwaarts links
7. rustig terug naar het begin
dit doen we 5x
scoor per tweetal 15 uitwijkballen na een duidelijke in/uit beweging en scoor 15 uitwijkballen na een zijwaartse beweging
scoor met tweetal vanaf 3 en 5 meter ieder 5x raak (afhankelijk van de groep die wordt getraind mag daar maximaal 7-10x over worden gedaan)
neem ieder 5 strafworpen
oefen de vrije bal met tweetallen (aangeef en schutter)