Basketbaloefeningen voor de techniek warming-up
Laatste update: januari 2026
Plank
- 30 seconden
- Op onderarmen en tenen
- Rug recht, buikspieren aangespannen
- Niet doorzakken!
- 30 seconden
- Lig op je rug, handen achter je hoofd
- Breng afwisselend je elleboog naar de tegenovergestelde knie
- Rustig tempo, focus op controle
- 30 seconden
- Lig op je rug, knieën gebogen
- Heupen omhoog, span buik en billen aan
- Houd vast, langzaam terug
- 30 seconden
- Zitpositie, voeten van de grond
- Draai je bovenlichaam van links naar rechts
- Eventueel met bal of flesje
- 2x 30 seconden
- Op je zij, steun op onderarm
- Heupen van de grond, lichaam in rechte lijn
- Wissel na 30 seconden van kant
- 30 seconden
- Lig op je buik
- Armen en benen van de grond, houd vast
- Versterkt onderrug en bilspieren
- Completeer elke oefening voor de aangegeven tijd.
- Focus op vorm en controle.
Uitvoering
- Zet de situatie twee keer uit.
- De eerste hindernis is een speedladder. Beweeg zijwaarts door de ladder door met twee voeten in de ladder te staan en met één voet buiten de ladder.
- Daarna kom je drie hordes tegen die oplopen van laag naar hoog. Spring over deze hordes heen.
- Onderweg neem je een zakje uit de emmer mee.
- Welk team heeft als eerste alle zakjes aan de andere kant en sprint daarna als eerste naar de andere kant?
- De eindsprint mag pas worden ingezet als het laatste zakje ligt!
Startopstelling
- Iedere speler krijgt een nummer.
- Swiss bal in het midden.
- Spelers in een cirkel rond de Swiss bal.
- Spelers cirkelen rond de bal, zijwaarts of achterwaarts-voorwaarts.
- Wanneer een nummer wordt geroepen, reageert de speler, neemt de bal en werpt deze naar de weglopende spelers.
- Add-on: De speler die geraakt wordt, pakt de Swiss bal en probeert nog iemand te raken.
- Bewegen rond de cirkel.
- Reageer op richtingsveranderingen.
- Beweging verbeteren, focus verbeteren.
Rondje langs het veld
- Jog aan de lange zijden van het veld.
- Wandel aan de korte zijden.
- Sta rechtop met de voeten op heupbreedte.
- Maak 20 squats in langzaam tempo.
- Begin met de armen gestrekt boven je hoofd.
- Laat je armen langs je lichaam vallen terwijl je je knieën buigt.
- Zwaai de armen naar achteren en spring terwijl je je armen naar voren en omhoog beweegt.
- Houd je rug recht en heupen naar achteren, voeten plat op de grond.
- Basispositie: sta rechtop met je voeten iets uit elkaar.
- Zet je rechterbeen recht vooruit en buig de knie 90 graden, linkerknie dicht bij de grond. Kom omhoog.
- Zet je rechterbeen naar de rechterzijkant, voet iets naar voren gedraaid, buig je linkerknie. Ga terug naar basispositie.
- Zet je rechterbeen naar achteren, buig je linkerknie. Ga terug naar basispositie.
- Herhaal deze stappen met het linkerbeen.
- Jog aan de lange zijden van het veld.
- Sprint aan de korte zijden.
Opstelling
- Zet de spelers per tweetal achter elkaar met hun gezicht richting de muur.
- Per tweetal is er één tennisbal nodig.
- Speler 1 staat het dichtst bij de muur en begint door de bal tegen de muur te gooien.
- Speler 2 vangt de bal.
- Speler 1 loopt ondertussen via de rechterkant terug en vangt vervolgens de bal die speler 2 net tegen de muur heeft gegooid.
- Herhaal dit minstens 20 keer.
- Maak de oefening moeilijker door de bal op te laten vangen in een hoedje.
Uitvoering
- De speler springt over het hekje en springt daarna, vanaf waar ze staan, met één been in de hoepel en terug. Herhaal dit voor het volgende hekje tot het einde.
- Spring zijwaarts over het hekje en daarna met één been in de twee hoepels. Bij de buitenste hoepel spring je terug naast het hekje.
- Spring zijwaarts over het ene hekje en terug. Met één grote stap spring je naar het andere hekje en spring je erover en terug. Vervolgens sprint je naar het pionnetje en daarna over de ladder.
Uitvoering
- Verdeel de spelers in groepen van 2 of 3 en positioneer ze aan de linkerkant van het veld.
- Geef elke speler een tennisbal.
- Op het startteken rent de eerste speler van elke groep met een bal naar de rechterkant van het veld.
- Daar aangekomen, legt de speler de bal buiten de lijn en rent zo snel mogelijk terug.
- De volgende speler van de groep begint te rennen met zijn of haar bal zodra de eerste speler terug is.
- Het spel eindigt wanneer alle ballen aan de rechterkant liggen en de laatste speler terug is bij de groep.
- De groep waarvan de laatste speler als eerste terug is, wint.
Oefening 1
- Gooien met aanloop van kegelpositie V naar positie III, kant A.
- Gooien met één arm vanuit aanloop positie II en de bal vangen met gestrekte arm.
- Met toetsen en tussentoetsen overhands & tussentoetsen.
- De tennisbal wordt vervangen door een bal. Speler loopt aan en passt naar speler op positie 2.
- Speler op positie 5.
- Speler kiest positie 2 of 5 en speelt over naar de plaats waar hij niet staat.
- 15 minuten basketbal werpen.
Introductie
- Deze drill is geschikt als warming-up (passen/afmaken) en als breakdown voor een "scissor" play of "split the post".
- Begin basic en breid uit naarmate het team er klaar voor is.
- Start met twee rijen op twee spots, bijvoorbeeld twee guard posities.
- Bij een groter team werk je op twee baskets met minimaal 4-6 spelers per basket.
- #1 maakt een voorbeweging en snijdt strak over de pion of stoel.
- #4 passt naar de insnijdende #1 en snijdt daarna zelf op dezelfde manier.
- Rotatie: Elke speler vangt zijn eigen bal af en sluit aan in het rijtje waar hij de bal ontving.
- Varieer met snelheid; beheers eerst de techniek van insnijden.
- Bal ontvangen en schieten; pop-out maken bij verdediger die onderlangs gaat.
- Train agressie met stootkussen; breng spelers uit balans bij insnijden.
- Na insnijden aanbieden op de low-post en afmaken met een postmove.
- Werk met een high-post speler voor passen en hand-off/hi-lo opties.
- Voeg uiteindelijk verdedigers toe.
- Verdediger opzetten en afzetten op de buitenste voet.
- Agressief insnijden, vlak over de pion snijden.
- Communicatie bij passing: oogcontact, bal vragen met voorste hand.
- Afmaken met de linkerhand vanaf links, en andersom voor rechts.
Opstelling
- Groep 1 staat beneden aan de baselijn.
- Groep 2 staat bij de kruising van de zijlijn en middellijn.
- Groep 3 staat in de middencirkel op de middellijn.
Uitvoering
- De ballen starten bij groep 1.
- De eerste persoon van groep 1 past naar de eerste persoon van groep 2 en loopt richting de bal.
- De persoon van groep 2 past terug naar de persoon van groep 1 en loopt vervolgens door naar de basket.
- De persoon van groep 1 passt naar de persoon van groep 3.
- De persoon van groep 3 passt naar de persoon van groep 2, die een lay-up maakt of een schot neemt.
- De persoon van groep 3 neemt de rebound.
Doorschuiven
- Groep 1 schuift door naar de positie van groep 2.
- Groep 2 schuift door naar de positie van groep 3.
- Groep 3 schuift door naar de positie van groep 1.
Opstelling:
- Verdeel de spelertjes in twee groepen (tot 10 of 12 spelertjes) of in vier groepen (van 10 tot 20 spelertjes).
- Eén groep spelertjes wordt opgesteld aan de baseline (in de hoek), de andere groep spelertjes wordt opgesteld aan de 'kleine' smiley.
- In de groep aan de baseline (de dribbelaars) hebben alle spelertjes een bal, bij de groep aan de smiley (de shooters) is er slechts 1 bal nodig (alleen eerste speler).
- Op een half speelterrein worden vier pionnen geplaatst, op de twee hoeken aan de baseline en op de twee kruisingen van de middenlijn met de zijlijn (zie tekening).
Uitvoering:
- Op fluitsignaal van de coach begint speler 1 aan de baseline te dribbelen rond de vier pylonen.
- Tegelijkertijd onderneemt speler 1 aan de kleine smiley een doelpoging en neemt zijn/haar eigen rebound en bezorgt de bal aan de volgende in de rij, die ook een doelpoging onderneemt en zijn/haar eigen rebound neemt, daarna speler 3 enzovoort ...
- De dribbelende speler probeert rond te dribbelen voordat de shooters drie scores hebben gedaan, lukt dat, dan heeft de dribbelende speler een 'home run' gedaan en krijgt zij/hij 1 punt, als de shooters drie keer kunnen scoren voordat de dribbelende speler rond is gegaan, dan is de dribbelende speler 'out'.
- Daarna begint de volgende speler aan de baseline te dribbelen en tracht hetzelfde te doen, ook de shooters moeten opnieuw drie scores maken.
- Zodra er drie dribbelende spelers 'out' zijn, wordt er verwisseld, de dribbelaars worden shooters en de shooters worden dribbelaars.
Variaties:
- De dribbelde speler mag proberen meerdere keren rond de vier kegels dribbelen vooraleer de shooters drie scores hebben gemaakt en kan dus meerdere punten maken.
- De shooters plaatsen 1 extra speler onder de bucket die de rebound neemt en de bal dus sneller aan de volgende shooter kan geven.
- De dribbelaar moet blijven staan aan de laatste kegel waarbij zij/hij was voorbij gedribbeld op het ogenblik dat de shooters drie scores hebben, maar hij/zij kan samen met de volgende speler terug starten om zijn/haar rondje af te maken en alsnog een punt te scoren.
- ... allerlei mogelijke variaties hierop.
Opdracht:
- Verdeel de spelertjes in drie groepen (kan ook 2 of 4 zijn mits aanpassing van het aantal horden, ballen, kegels ...)
- Spelertjes liggen bij de start op de grond aan de baseline
- Op fluitsignaal van de coach springen de liggende spelertjes recht en springen over de horden (beugeltjes)
- Na de laatste horde sprinten ze naar de bal en nemen deze
- Dribbelen tot aan de kegel waar ze een richtingsverandering doen
- Aan de smiley wordt een doelpoging ondernomen, waarna de speler zelf de rebound neemt en de bal in de hoepel legt
- Zodra de bal terug in de hoepel ligt, mag de 2de speler van de groep vertrekken
Doel:
- Per ploeg om ter snelst 8 (of 10) scores maken
Uitbreiding:
- Per ploeg om ter snelst 5 scores maken langs links, langs rechts en in het midden
Opdracht:
- Verdeel de spelers in twee (of zelfs 4) groepen
- De spelers staan aan de baseline opgesteld en op fluitsignaal van de coach vertrekt de 1ste speler van elke groep en springt over de kegels
- Na de laatste kegel gaan de spelers naar de hoedjes en sliden langs de hoedjes
- Daarna lopen ze naar de bank en rollen eronder
- Na het rollen lopen ze naar de beugeltjes en springen er 4 keer over (heen en terug)
- Na het springen lopen ze naar de klaarliggende bal en trachten te scoren (krijgen slechts 1 doelpoging)
- Na de doelpoging sluit speler terug aan bij hun groep
- De 2de speler (en daarna ook het 3de-4de-...) mag beginnen als de 1ste speler aan hun slidings begint (of wacht tot de voorgaande spelers is aangesloten bij de groep)
Doel:
- Met de groep om ter eerst 8 keer scoren (als de groepen groter zijn, kan je het keer scoren verhogen)
- Spelers moeten per groep zelf het aantal gelukte pogingen bijhouden (dus zelf tellen)
Tip:
- Als je met 20 spelersbent, kan je de opstelling dubbel doen, met dezelfde opstelling aan de andere kant van het terrein zodat iedereen meer aan de beurt kan komen
- 2 rijtjes op de baseline ter hoogte van de bucketline.
- Speler passt naar zichzelf vangt de bal ter hoogte van de elbow, pivoteert naar het bord, neemt een goed schot.
- Na 2 minuten maak je een drive naar het bord.
- Maak een schot fake, cross step naar het bord.
- Trainer verdedigt. Na 2 minuten rijtje vanaf de middellijn.
- Pass de bal naar de coach, beweeg heen en weer lang de top van de 3 puntlijn
- Zodra je bal ontvangt hoor je of je moet schieten of dat je naar het bord moet gaan. Na 2 minuten balhandling.
- Iedere speler heeft 2 ballen.
- Start op de baseline ter hoogte van de bucket, dribbel met 2 ballen tegelijkertijd of om en om naar de volgende pion.
- Daarna maak je slides naar de volgende pion en bij de derde pion ga je achterwaarts terug.
- Na 2 minuten dribbel met 2 ballen tegelijkertijd of om en om naar de volgende pion, daar maak je een pivoot draai (gezicht naar baseline)
- Bij de volgende pion maak je weer een pivoot draai (gezicht naar zijlijn),
- Bij de derde pion draai je weer op de pivoot (gezicht naar middellijn).
- 2+ spelers in de 4 hoeken van een half veld. Volle lijn is verplaatsen, stippellijn is passing
- Pas van in de hoek (A) naar middellijn (B),
- Speler loopt door tot 1/4de plein, krijgt pas terug
- vervolgens pas naar andere kant middellijn (C). Passer van in de hoek sluit aan in rij van (B)
- Speler van aan de middellijn (B) loopt richting andere kant en krijgt pas terug van (C)
- Speler past door naar andere hoek (D) en sluit aan in de rij aan de middellijn (C)
- Speler aan de middellijn (C) loopt door voor lay-up en sluit aan in de rij van (D)
- Speler van in de hoek (D) neemt rebound en past door naar (A)
- Pas van in de hoek (A) naar middellijn (B),
- Speler loopt door tot 1/4de plein, krijgt pas terug
- vervolgens pas naar andere kant middellijn (C). Passer van in de hoek sluit aan in rij van (B)
- Speler van aan de middellijn (B) loopt richting andere kant en krijgt pas terug van (C)
- Speler past door naar andere hoek (D) en sluit aan in de rij aan de middellijn (C)
- Speler aan de middellijn (C) loopt door voor lay-up en sluit aan in de rij van (D)
- Speler van in de hoek (D) neemt rebound en past door naar (A)
- Beginopstelling:
- 1 groep links onder doel, tweede speler een bal.
- 1 groep rechts onder doel, eerste speler een bal.
- Coach staat vlak voor doel.
- Verloop:
- Speler 1 zonder bal loopt rond de coach en ontvang de pas van speler 2 en doet een lay-up.
- Speler 2 loopt rond de coach en ontvangt de bal van de volgende speler en doet een lay-up.
- Spelers nemen hun eigen rebound.
- Bal doorgeven aan de eigen kant.
- Progressie:
- Coach neemt een stap achteruit.
- Coach neemt nog een stap achteruit.
- Regressie:
- Shot nemen in plaats van lay-up.
- Beginopstelling:
- 1 groep links onderaan bucket
- 1 groep links bovenaan bucket
- 1 groep rechts onderaan bucket
- 1 groep rechts boven bucket
- 1 bal
- Verloop:
- Speler 1 geeft pas naar speler 4
- Speler 4 geeft pas terug naar speler 1 die tegemoet komt gelopen
- Speler 1 doet een hand-off naar speler 4
- Hierna start de volgende sessie:
- Speler 1 naar speler 4
- Speler 4 naar speler 2
- Speler 2 naar speler 3
- Speler 3 naar speler 1
- Deze oefening duurt max 2 minuten en dient om spelers alert te krijgen
- Progressie:
- Met 2 ballen
- Met 3 ballen
- Opwarmingsoefening zonder bal - 5 minuten van +- 5 rondes.
- 4 kegels in een vierkant in de zaal waarbij er langs elke zijde een oefening uitgevoerd wordt:
- Zijwaarts shuffelen met het gezicht naar 1 bepaalde kant gedraaid.
- Armen zwaaien, per ronde kan dit voorwaarts/ achterwaarts afgewisseld worden.
- Zijwaarts shuffelen met het gezicht naar dezelfde kant als vorige keer zodat het ander been nu eerst is.
- Skipping, knieën heffen, kan per ronde afgewisseld worden met zitvlak raken.
- Iedere speler heeft een bal
- De groep wordt in 2 groepen verdeeld elk aan een ring
- De eerste speler van de groep valt de eerste kegel aan, waar hij een richtingsverandering (variatie) doet.
- Zo naar de volgende kegel waar hij dit herhaald tot hij aan de ring aan de overkant komt, waar hij afwerkt volgens de aangegeven variatie.
Richtingveranderering variaties
- Cross over
- Between legs
- Behind the bag
- Hesitation
- Studder
shotvariaties
- Lay-up
- Reverse lay-up
- Eurostep
- Jump stop shot
- Floater
- Jump stop cross step
- Vertrek met drie op de baseline.
- Je loopt van kegel naar kegel tot het moment dat de coach de bal tegen het bord smijt.
- Dichts bij ,zijnde speler neemt de rebound, hoogste speler loopt weg, middelste speler is guard.
- Forward loopt tot driepunt lijn andere kant en loopt dan zijlijn - naar de bal toe en ontvangt de bal.
- Dribbel tot driepunt lijn - bal naar trailer die pin en spin + afwerkt.
- Andere 2 ontvangen de bal vanop de baseline en werken ook af.
- In terugkomen - blauw sprint naar voor - tot kegel en keert terug tot de bal
- Rood neemt de laatste bal en past naar voor.
- De Guard sprint naar voor en krijgt de bal van de blauw en werkt af.
Twee rijtjes op de middellijn, 1 speler in de hoek op de baseline.
- Beginnen met rechter lay-ups:
- Bal is bij de voorstel speler in het rechter rijtje.
- Eerste speler in linker rijtje rent naar de voren.
- Speler met de bal passt de bal naar de speler in linker rijtje.
- Speler in linker rijtje maakt een jump stop.
- Speler in rechter rijtje raakt zijlijn aan ter hoogte van vrijeworplijn en maakt een cut naar de basket.
- Speler met de bal passt op juiste moment (andere speler vraagt om de bal) naar de andere speler.
- Speler rechter rijtje maakt lay-up. (let op juiste twee-tellen-ritme)
- Speler uit linker rijtje vangt de bal af (actieve rebound!) en passt naar de speler in de hoek. (geen bal op de grond!)
- Speler in de hoek passt bal naar volgende speler in het rijtje.
- Af vanger wordt speler in de hoek.
- 15 scores.
- Daarna:
- linker lay-ups - 15 scores --> let op juiste twee-tellen-ritme, anders telt score niet!
- Aandachtspunten:
- Let op juiste twee-tellen-ritme.
- Let op de juiste hand. (linker lay-up met linker hand)
- Let op dat er strakke passes worden gegeven, voor de man. (Zodat de ontvangende speler niet hoeft af te remmen in haar beweging naar de basket.)
- Wit driehoek (1)
- Bal tegen bord
- Blauw driehoek (2)
- Komt om de bal
- Pas van Wit naar Blauw
- Rood driehoek (3)
- Loopt naar de zijlijn
- Pas van blauw naar Rood
- Wit driehoek
- Loopt trailer
- Pin en spin en krijgt de bal van Rood
- Afwerken
- Na pas van Rood
- Krijgt rood bal van rode bol (4)
- Werkt rood af.
- Na pas van rode bol krijgt blauw bal van blauwe bol (5)
- Werkt blauw af.
- Wit driehoek wordt rode driehoek 1 => 3
- Blauw driehoek wordt rode bol 2 => 4
- Rode driehoek wordt blauwe bol 3 => 5
- Rode bol wordt witte driehoek 4 => 1
- Blauwe bol wordt blauwe driehoek. 5 => 2
- Iedereen een bal
- Heen zig/zag dribbel om pionen heen
- Middellijn achterlijn sprint/dribbel
- Side/slides over de achterlijn
- Terug verschillende opdrachten (Crabwalk, achteruit dribbelen, tussen de benen)
- 5x opdrukken, buikspieren op middellijn
- Afronden met lay-up of schotje uit de hoepel
- Begin rustig als warming-up
- Daarna steeds sneller (hou afstand)
- Coach opstellen bij de terugweg om verschillende opdrachten te geven
Twee rijtjes op de middellijn, 1 speler in de hoek op de baseline (de passer).
Beginnen met rechter lay-ups:
- Bal is bij de voorstel speler in het rechter rijtje
- Eerste speler in linker rijtje rent naar de voren
- Speler met de bal passt de bal naar de speler in linker rijtje
- Speler in linker rijtje maakt een jump stop
- Speler in rechter rijtje raakt zijlijn aan ter hoogte van vrije worp lijn en maakt een cut naar de basket
- Speler met de bal passt op juiste moment (andere speler vraagt om de bal) naar de andere speler
- Speler rechter rijtje maakt lay-up.
- Speler uit linker rijtje vangt de bal af en passt naar de speler in de hoek (geen bal op de grond!)
- Speler in de hoek passt bal naar volgende speler in het rijtje
- Afvanger wordt speler in de hoek
- De docent kiest 2 tikkers uit.
- Zij moeten binnen hun tikkersvak blijven (binnen de 4 pionnen) en de basketballen van de lopers wegtikken als die willen oversteken.
- De lopers moeten dus dribbelend naar de overkant zien te komen zonder hun basketbal te verliezen.
- Als een loper de basketbal niet meer bij zich heeft is hij af en wordt hij automatisch een tikker.
- Een tip die je aan de lopers kan geven is dat ze de bal afschermen met hun lichaam.
- Dit betekent met je lichaam tussen de bal en de tegenstander blijven.
- De leerlingen mogen pas opnieuw oversteken als iedereen is getikt of de overkant heeft gehaald.
- Uiteindelijk krijg je naarmate het spel vordert steeds meer tikkers en steeds minder lopers.
- De loper die als laatste overblijft is de winnaar.
- Volledig veld.
- Verdeel de pionnen over het veld in 5 gelijke delen.
- Spelers starten allemaal op 1 lijn.
- Coach benoemt de pionnen van 1 tot 5.
- Spelers staan of zitten klaar op 1 lijn en lopen op commando naar de lijn die de coach benoemt.
- Dit kan lopend, met Slides of dribbel uitgevoerd worden.
- Op de aangewezen lijn dient de speler zsm stil te staan, zitten of via opdrukken plat op de buik te gaan liggen.
- Bij dribbelen moet de bal dribbelen op de plaats gehouden worden.
- Aandacht dan voor afschermen van de bal bij stilstand.
- Zigzag vanuit midden naar achterveld
- Vrije worpen 2x2 p.p. Na 2 shoten. Slides van achterveld naar midden. Terug snelwandelen. (Tempo)
- Schiet oefening op de bucket.
- 2 rijen onder de basket.
- Een persoon heeft de bal.
- Ontvang de bal van de passer net buiten de bucket.
- Schutter rebounds eigen doelpoging.
- Verander van rij.
- Pass-schiet-rebound in doorlopend tempo.
- P1 met bal in rij A. P2 met bal in rij B.
- Stretching.