Voetbaloefeningen voor o19
Laatste update: januari 2026
- Duur:
- 15 min
- Afstand:
- Rood vierkant 16 mtr breed 15 mtr lang.
- Blauwe pion achterste lijn in midden dan 5mtr naar binnen ander weer 5 mtr verder door.
- Witte pion in midden en 5 mtr buiten het vak.
- Uitleg:
- B vraagt de bal door Actieve verdediger uit balans te brengen en naar blauwe hoedje te sprinten.
- A speelt B in, B speelt C in met actieve verdediger in de rug, C speelt D in.
- D legt breed en C rond af.
- Heeft de actieve verdediger de bal afgepakt mag hij scoren.
- De speler die balverlies heeft geleden moet proberen de bal terug te veroveren van de verdediger.
- De oefening is dus voorbij al 1 van beide heeft gescoord.
- Doorschuiven A wordt verdediger- verdediger wordt B- B wordt C - C wordt D en D sluit achteraan.
- Begin met eerst aannemen en spelen zodat B moet omgaan met speler in de rug.
- Daarna zet je op de actieve verdedigers plaatsen de vaste verdedigers neer en maar je partij van.
- Wie meeste goals maakt in 5 minuten wint.
- Let op!
- Dan blijven de verdedigers staan A-B-C-D.
- Coach momenten:
- Juiste snelheid de bal inspelen zodat je mede speler er meteen mee kan handelen.
- Positie B is belangrijk om de bal meteen af te schermen tijdens de aannamen.
- Duur:
- 20 minuten.
- Afstand:
- Midden vak is 10 bij 10 mtr van ieder pion.
- Uit leg je 1 pion 5 mtr naar buiten.
- Uitvoering:
- A speelt de bal diagonaal naar binnen naar B, en loopt de bal na, B laat de bal op C vallen en loopt de bal na, C speelt de bal diagonaal naar buiten naar D en loopt de bal na.
- D speelt naar E en zo gaan we verder.
- Iedere keer diagonaal van buiten naar binnen dan bal terug laten vallen en dan weer diagonaal naar buiten spelen en steeds de bal na lopen.
- Coach moment:
- Juiste tempo bal spelen dat mede speler meteen kan handelen.
- Dribbel om de hoedjes heen.
- Passer beweging voor hoedje maken.
- Naar links (variant).
- Naar rechts (variant).
- Om hoedje heen gaan.
- Naar hoedje toe dribbelen..
- Drijven over laatste stuk en bal stil leggen bij laatste hoed.
- Houd bal dicht bij je lichaam, kleine tikjes.
- Controle is belangrijker dan snelheid.
- Passeerbeweging kan een zijwaarts meenemen zijn of een schaarbeweging.
- Zet pionnen zoals tekening.
- Iedere pion staat een speler, op hoeken eventueel 2 spelers.
- 2 hoeken in uiterste een bal.
- Daar start het passen.
- Iedere speler passt naar volgende pion volgens tekening, en dribbelt/looppas daar heen.
- Twee uiterste hoeken (de 2 ballen) op gelijke tijdstippen passen, synchroon.
- Zo de bal rondspelen.
- Denk aan goede pass techniek, snelheid, richting en contact met medespeler.
- Zorg ook voor juist uitdraaien.
- Afstand:
- 8mtr per pion
- Uitvoering:
- Sprint van rood naar blauw en terug naar rood. dan meteen door naar wit. van wit naar blauw en van blauw terug naar wit. en dan terug naar rood.
- Dus 1 serie is sprint naar 1ste pion terug sprinten naar begin dan sprint naar 2e pion.
- Vandaar uit sprint naar 1ste pion en dan sprint terug naar 2e pion.
- Vandaar uit de laatste sprint naar de begin pion.
- Duur:
- +- 10 min
- Afstand:
- 10 bij 10 mtr
- Uitvoering steekpass:
- A speelt B in, B legt de bal terug op A en loopt om de pion.
- A speelt hem voorbij de pion naar B en loopt dan zelf naar de plaats van B.
- B speelt C in C legt de bal terug op B en loopt om de pion.
- B speelt hem voorbij de pion naar C en loopt dan zelf naar de plaats van C.
- En zo rond.
- Uitvoering crosspass:
- A speelt B in, B legt de bal terug op A en loopt om de pion.
- A draait open en speelt crosspass naar C.
- C legt de bal terug op B.
- B geeft crosspass op D.
- Coachmoment:
- Concentratie in passing met zo een vaart in spelen dat medespeler er meteen mee kan handelen.
- Pass de bal achter de pion niet te ver naar de midden.
- Speel de bal voor de speler en niet achter hem.
- Bij het terug kaatsen zo wegdraaien dat je zicht op de bal houd.
- Duur:
- +- 15 min
- Afstand:
- Rood vierkant begin bij de 16 mto en hou deze breedte aan 15 mtr lang.
- B lauwe pion achterste lijn in midden dan 5mtr naar binnen ander weer 5 mtr verder door.
- Witte pion in midden en 5 mtr buiten het vak.
- Uitvoering:
- Speler B vraagt de bal met actieve verdediger in de rug. ( pakt verdediger de bal speelt hij C in zodat oefening door loopt.)
- B schermt de bal af en speelt daarna C in (verdediger loopt niet door op C).
- C staat open gedraaid en speelt D in.
- D legt bal breed en rond af.
- Doorschuiven:
- A- B
- B wordt verdediger verdediger wordt C.
- C wordt D.
- D sluit achter aan.
- Coach moment:
- B afzetten tegen verdediger.
- C open gedraaid staan.
- C na inspelen D meteen doorlopen.
- 2 benig afronden.
- Opmerking:
- 4 spelers van JO17-1 sluiten aan bij positiespel JO19-1.
- Waardoor 10 spelers overblijven. (incl. 2 keepers)
- Passoefening:
- Combinatie van korte passing, kaatsen, opendraaien, en spelverlegging.
- Dubbele bezetting bij pionnen.
- Trainer doet evt zelf mee zodat oefening doorloopt ivm aantallen.
- Volgorde:
- Pass - kaats - pass - kaats - controle + crossbal - controle + korte pass - kaats - strakke lage bal - dribbel
- Logisch doordraaien.
- Zet een kwadrant uit zoals op plaatje
- Verdeel team tot max 14 mensen in twee groepen. (een groep hesjes)
- Aan iedere kant op de lijn twee kaatsers, tussen de pionnen, van ieder team een (zie plaatje)
- Spelers in het veld spelen rond en houden de bal in het team.
- Bij kaatsen met een van de lijn spelers uit eigen team (hesje naar hesje speler bijv), wisselt de speler van de lijn met degene die aangespeeld heeft.
- Degene die de speler op de lijn aanspeelt gaat op de lijn staan, de lijnspeler gaat het veld in.
- Kaatsers mogen elkaar niet aanspelen!!!
- Zolang mogelijk rondspelen.
- Aandachtspunt:
- Zoek de ruimte op.
- Kaats slim in.
- Duur:
- +-20 min
- Afstand:
- Vanuit blauwe pion 6 mtr breed en 10 mtr terug
- Uitvoering:
- Spelers A spelen naar B die draaien open en geeft de bal mee aan de inlopende spelers C.
- C loopt in als A inspeelt.
- Coach moment:
- A passing op juiste snelheid.
- B bal vragen aan A en open draaien juiste snelheid bal inspelen op C.
- C op moment dat A inspeelt meteen inlopen.
- Positiespel overspelen 15- 20 minuten.
- Ga van makkelijk na moeilijk:
- Niveau 1, 7 of 8 tegen 3. (gaat de bal tussen de 15 en 20 keer rond dan door naar volgende niveau, de niveaus gaan over weken en niet binnen 1 training)
- Niveau 2, 7 tegen 4.
- Niveau 3, 7/6 tegen 5. (10 keer rond is volgende)
- Niveau 4, 6 tegen 6.
- Coachen op makkelijke bal zoeken en proberen de bal de ruimte in te passen.
- Wanneer een niveau niet lukt maak het veld dan wat groter of ga een niveau terug.
- Proberen je techniektraining positief te coachen wanneer je de handeling ziet in positiespel (denk aan open draaien of kaatsen)
- BB is veld groot maken, BBT is veld klein maken.
- Bb4 tegen bbt 3 oefening 10 minuten.
- Doelstelling is om als bb partij de bal over de lijn te dribbelen of een aantal keer over te spelen. (begin bijvoorbeeld bij 5 en ga steeds hoger)
- Om het moeilijker te maken mogen ze de bal maar 2/3 keer aan raken.
- Bbt partij moet de bal proberen te dribbelen over lijn van de tegenstander.
- Of 5 keer overspelen.
- Speel altijd met 1 overtal.
- Pas het grootte van het veld aan als het moeilijk is om over te spelen.
- Hele mooie warming up 10 minuten
- Speler 1 passt de bal naar speler 2
- Speler 2 passt de baal naar speler 3
- Speler 1 loopt achter speler 2 langs
- Speler 3 kaatst de bal naar speler 1
- Speler 1 passt de bal naar speler 4 en loopt door naar de pion bij speler 6
- Speler 2 loop schuinlinks langs speler 3
- Speler 4 kaatst de bal naar speler 2
- Speler 2 passt de bal naar speler 5 en loopt daarna door naar de pion bij speler 5
- Wanneer het goed gaat moet de snelheid omhoog.
- Wanneer het niet goed gaat omlaag en moeten ze de bal altijd eerst aannemen.
- Wanneer het nog steeds goed gaat maak je het veld kleiner.
- Terug weg gaat hetzelfde
- Speler 5 passt de bal naar speler 6
- Speler 6 passt de baal naar speler 4
- Speler 5 loopt achter speler 6 langs
- Speler 4 kaatst de bal naar speler 5
- Speler 6 passt de bal naar speler 3 en loopt door naar de pion bij speler 2
- Speler 6 loop schuinlinks langs speler 4
- Speler 3 kaatst de bal naar speler 6
- Speler 6 passt de bal naar speler 1 en loopt daarna door naar de pion bij speler 1
- Duur:
- 15 min.
- Afstand:
- Rood vierkant 16 mtr breed 15 mtr lang
- Blauwe pion achterste lijn in midden dan 5mtr naar binnen ander weer 5 mtr verder door.
- Witte pion in midden en 5 mtr buiten het vak.
- Uitleg:
- A speelt B in.
- B speelt C in met actieve verdediger in de rug.
- C speelt D in.
- Begin met eerst aannemen en spelen zodat B moet omgaan met speler in de rug.
- Coach momenten:
- juiste snelheid de bal inspelen zodat je mede speler er meteen mee kan handelen.
- Positie B is belangrijk om de bal meteen af te schermen tijdens de aannamen.
- Afwerkvorm tijdens opendraaien en/of na de kaats 15 - 20 minuten.
- Variant 1 met opendraaien.
- Speler 1 paast speler 2 in.
- Speler 1 loopt naar pion bij speler 2.
- Speler 2 draait open en paast speler 3 in.
- Speler 2 loopt naar pion bij speler 3.
- Speler 3 draait open en schiet gelijk op goal.
- Speler 3 haalt de bal op en sluit achteraan bij speler 4.
- Variant 2 met kaatsen.
- Speler 4 speelt speler 5 in.
- Speler 4 loopt naar pion bij speler 5.
- Speler 5 draait open en speelt speler 6 in.
- Speler 5 loopt door naar en laat zien waar hij de bal wil hebben.
- Speler 6 kijkt waar speler 5 de bal wil hebben en kaatst die baal daar heen.
- Speler 5 kaatst de bal terug op de 11 meter en loopt daarna snel terug naar de pion bij speler 6.
- Speler 6 gaat pas lopen wanneer de bal gespeeld wordt en schiet de bal op goal.
- Haalt daarna snel de bal op en sluit achteraan bij speler 1.
- Bij 9 - 10 spelers is deze oefening zo goed.
- Heb je er 12 of meer dan de volgende variatie toepassen.
- Deze drie punten zijn dan als vervanging van punt 1.
- Speler 7 passt de bal naar speler 1(of 6).
- Speler 1(0f 6) kaatst de bal schuin terug. en loopt naar de pion bij speler 2(of 5).
- Speler 7 loopt in de bal en speelt de bal naar speler 2(of 5).
- Duur:
- 30 min
- Afstand:
- Lengte 25 mtr
- breedte 15 mtr
- blauwe vak 5 mtr lang
- Uitvoering:
- 3 teams (zijn teams kleiner dan 4 spelers dan veld grote aanpassen)
- Rood en wit gaan proberen met over spelen en passen de bal in het andere vak te krijgen.
- Overspelende teams mogen niet in het blauwe vak en storende team mag maar met 2 spelers in het vak storen.
- Na 5 minuten wisselen met team in het midden. de eerste keren zijn oefen sessie daarna komen 3 x 5 minuten spelvorm.
- Spelvorm:
- De bal van vak naar vak spelen is 1 punt.
- Het team dat in de midden het minste aantal punten tegen krijgt is de winnaar
- Coach moment:
- Voor 2 storende spelers is het belangrijk om druk op de bal te houden als hij aan 1 kant is.
- Voor de andere 2 is het belangrijk de looplijnen af te schermen.
- Is het voor de rondspelende teams te gemakkelijk kun je veld breedte aanpassen of maximaal 2 of 3 keer raken.
- Tijd:
- +- 20 min
- Afstand:
- Gele poppen in het midden van de goal spelers B en C staan 20 mtr van de goal.
- A 15 mtr achter B.
- Uitvoering:
- A speelt B in, deze legt de bal terug op inlopende A.
- A steek bal door op C.
- C legt de bal terug op 16 mtr op inlopende B.
- B plaats de bal tussen poppen en doelpaal.
- Doorschuiven A op plaats van B en B op plaats van C.
- C gaat bal halen en dan andere kant verder.
- Coach moment:
- Rust in het afronden.
- Bal gewoon beheerst tussen palen en pop plaatsen.
- Zet pionnen zoals op plaatje
- Speler 2 op kaats positie.
- speler 3 op afrond positie, verder weg.
- Speler 1 kaatst op speler 2.
- speler 1 geeft LANGE pass (hoog eventueel) op speler 3.
- Speler 3
- Neemt de bal aan,
- Dribbelt naar goal,
- Maakt passeerbeweging,
- Versnelt en rond af.
- Eventueel variant met een- twee met speler 2
- Spelers draaien door
- 1 naar 2
- 2 naar 3
- 3 naar begin
- Spelers staan in kwadrant tegenover elkaar in tweetallen.
- Afstand tussen tweetallen ongeveer 5 meter.
- Speler 1 passt naar speler 2.
- Terwijl speler 2 langzaam naar achteren loopt op dribbelsnelheid.
- Speler 1 volgt daarbij en houdt de afstand daarbij gelijk.
- Speler 2 die achteruitloopt bepaalt de snelheid.
- Zorg voor zorgvuldige controle in de passing dat de bal bij het tweetal blijft.
- Als tweetal aan einde kwadrant is
- Gaat speler 1 naar achteren en volgt speler 2 (andersom dus)
- 4 pionnen zoals op plaatje
- Iedere pion 1 speler
- Rest spelers bij 1e pion
- Speler 1 speelt eerst links speler 2
- Speler 2 kaatst terug op speler 1
- Speler 1 geeft een diepe pas aan zelfde linker kant aan speler 3
- Intussen loopt speler 2 naar de 16 meter lijn
- Speler 3 legt breed, speler 2 rond af
- Speler 1 naar speler 3 positie
- Speler 3 naar speler 2 positie
- Speler 2 (die afgerond heeft) pakt bal en sluit aan bij rij van speler 1 (start)
- Daarna aan de rechter kant hetzelfde
- Duur:
- 20 min
- Afstand:
- vak 10 bij 10 meter
- goals 3-1 in midden van lijn
- Uitvoering:
- 2 tegen 3
- Midden speler van 3 begint op zelfde lijn als verdedigers.
- De opbouwers zijn verplicht eerst de midden speler in te spelen.
- Daarna opbouwen naar een goal.
- Spel is voorbij als gescoord is door een van de 2 partijen of bal uit het veld is.
- Daarna door wisselen.
- Coach moment:
- Midden speler los komen en bal goed afschermen.
- Korte combinaties ballen inspelen zodat medespeler meteen kan handelen.
- Duur:
- 1 serie
- Uitvoering:
- Sprint tot de pion war je gebleven bent (begint bij 1).
- Dan 1 pion achterwaarts terug.
- Dan sprint je vooruit naar pion waar je vandaan komt.
- Je sprint dus steeds 1 pion verder naar voren maar gaat steeds 1 terug en dan 1 voorwaarts.
- Coach moment:
- Sprinten armen langs het lichaam.
- Naar achter sprinten lichaam naar achter houden op het moment dat je schakelt om naar voor te sprinten lichaam naar voren gooien.
- Duur:
- 20 min
- Afstand:
- Pionnen op.
- Uitleg:
- A speelt B in,
- B speelt C in met actieve verdediger in de rug,
- C speelt D in.
- D legt breed en C rond af.
- Doorschuiven A.B.C.D.
- De CV en Backs zijn vaste verdedigers.
- Pakt de verdediger de bal af kan hij meteen scoren op de goal.
- ALS ACTIEVE VERDEDIGER DE BAL HEEFT MOET SPELER B DE BAL WEER PROBEREN TE VEROVEREN.
- Coach momenten:
- Juiste snelheid de bal inspelen zodat je mede speler er meteen mee kan handelen.
- Positie B is belangrijk om de bal meteen af te schermen tijdens de aannamen.
- Duur:
- +- 15 min
- afstand:
- 10 meter per pion
- Uitvoering:
- 1:
- A speelt B in.
- B draait open.
- B speelt C in.
- 2:
- A spleet B in.
- B kaats terug op A.
- A speelt C in.
- 1:
- Doorschuiven:
- A naar B.
- B naar C.
- C naar A.
- Coachmoment:
- Zoveel mogelijk direct spelen.
- Ballen zo inspelen dat medespeler er meteen mee kan handelen.
- Hoog temp.
- Maak 2 groepen.
- Maak er een competitie van wie als snelste helemaal rond is.
- Duur:
- +-20 min
- Afstand:
- 16 meter gebied
- Uitvoering:
- Verdedigers starten naast de goal.
- Ze spelen de middelste aanvaller in.
- Lopen dan ter verdediging de 16 meter in.
- Hou eerst vaste groep met aanvallers en verdedigers
- Wissel na paar minuten
- Coachmoment:
- Aanvallers
- Blijf aanspeelbaar in 3 hoek
- Juiste moment steek bal
- Verdedigers
- Compact bij elkaar
- Zorg voor rugdekking
- Aanvallers
- Duur:
- 20 min
- Afstand:
- Rode pionnen op 20 meter van achterlijn.
- Witte pion +- 35 meter achterlijn.
- Uitvoering:
- C vraagt de bal.
- A speelt C in.
- C kaatst terug op A.
- A steek de bal door op B.
- B legt terug op inlopende D.
- D rond af.
- Doorschuiven:
- A naar B .
- B naar C.
- C naar D.
- D schuift achter aan.
- Op helft omwisselen van kant.
- LET OP!
- Afronden buiten 16
- Coach moment:
- B niet te vroeg diep lopen in wedstrijd.
- Speel D niet te vroeg inlopen.
- Wachten tot dat B controle heeft.
- Concentraties op kaatsen.
- Spel element:
- Binnen bepaalde tijd zoveel mogelijk ballen binnen schieten.
- Lukt dit.
- Keeper opdrukken.
- Lukt dit niet.
- Aanvallers opdrukken.
- Duur:
- +- 10 min
- Afstand:
- 10 bij 10 meter
- Uitvoering:
- A speelt B in.
- B legt de bal terug op A.
- A loopt om de pion.
- A speelt hem voorbij de pion naar B
- A loopt naar de plaats van B.
- B speelt C in.
- C legt de bal terug op B.
- C loopt om de pion.
- B speelt hem voorbij de pion naar C.
- B loopt naar de plaats van C.
- En zo rond.
- Coachmoment:
- Concentratie in passing.
- Met vaart inspelen zodat dat medespeler er meteen mee kan handelen.
- Pass de bal achter de pion niet te ver naar de midden.
- Speel de bal voor de speler en niet achter hem.
- Bij het terug kaatsen zo wegdraaien dat je zicht op de bal houd.
- Duur:
- +- 30 min
- Afstand:
- 20x30 meter (inschatten op aantal spelers maar houd een rechthoek)
- Uitvoering:
- Positiespel
- 7:4
- 8:4
- Vanaf 13 spelers maak je 5 spelers die gaan jagen.
- Na 3 minuten wisselen van jagers.
- Positiespel
- Coach moment:
- Bij de bal bezittende ploeg moeten de spelers in positie blijven voetballen.