Gedeelde Training

20/12/2019 _ u9
Benodigde materialen
  • 8 x ballen
  • 4 x hoepel
  • 8 x pionnen
  • 3 x touwladder
Diversen
Totale duur training:
90 min.
Niveau:
Oefeningen
Stoelendans
0 minuten
Technieken
Warming-up : Met bal - Conditie
Benodigde materialen
8 x ballen , 1 x hoepel
  • het aantal aanwezige speelsters liggen allen buiten het speelveld.
  • in het midden van het speelveld ligt een hoepel met daarin een aantal ballen 
    • 1 minder dan het aantal speelsters
  • speelster doen een aantal oefeningen. bv. 
    • planking
    • sit-ups
    • push-ups. 
  • als de speelsters deze oefeningen hebben gedaan, gaan ze op de rug liggen.
  • op teken van de trainer rennen ze naar het midden, en proberen een bal te veroveren.
  • net zolang doorgaan tot er nog maar een bal is. 
  • de winnaar bedenkt een straf voor de andere speelsters.
Technieken
Warming-up : Met bal
Benodigde materialen
8 x ballen , 8 x ballen , 8 x ballen , 6 x pionnen , 6 x pionnen , 6 x pionnen

  • Speler 1 staat klaar bij 1e pion
  • Loopt vervolgens snel om alle pionnen heen zijwaarts
  • Na de laatste pion sprintje naar voren waar er door de trainer rond de 3 meter een bal wordt aangegooid
  • Deze moet gepassed worden vanuit stilstand.


Bij meer dan 6 spelers, het parcour 2x opzetten en een medespeelster bij toerbeurt laten aangooien. Anders staan ze te lang stil. Het parcour 2maal laten doorlopen.

Technieken
Warming-up : Zonder bal
Benodigde materialen
1 x pionnen

In tweetallen, met gezicht naar elkaar toe, starten bij de pion. Op commando zijwaarts verplaatsen naar de zijlijn. Elk een andere kant op starten. Terug naar de andere zijlijn en terug naar de pion. Wie het eerst de pion aantikt. Gelijk start volgende tweetal. Zorgen voor wisseling in de tweetallen.

Bij meer dan 9 spelers dubbel uitzetten. (Ook geschikt om zelfstandig uit te voeren om ondertussen een volgende oefening uit te zetten).

Technieken
Warming-up : Met bal
Benodigde materialen
3 x touwladder
  • 2 touwladders uitrollen.
  • Opdracht uitvoeren en aan einde van de touwladder staat trainer en die gooit een bal.
  • Speler toetst die bal en vangt de bal zelf af en legt bal in ballenbak
  • Dit kun je per kind aanpassen betreffende succes voor het kind.
  • Daag het kind op haar niveau uit.                
    • In elk vak 1 voet L R L R
    • In elk vak 2 voeten LR LR LR-Erin en eruit
    • Zijwaarts verplaatsen
    • en omdraaien
Reageer 2 !
0 minuten
Technieken
Verdediging - Warming-up
Benodigde materialen
3 x pionnen
  • Plaats 3 pionnen rond een speler. 
    • 1 links, 1 rechts en 1 erachter ( werkende speler ) 
  • een andere speler, met bal, gaat aangeven naar welke pion de werkende speler moet bewegen ( goede houding = laag handen los voor het lichaam ) 
  • Op een onverwacht moment gaat de speler met bal de bal gooien ( liefst niet te makkelijk ) en is het de bedoeling dat de werkende speler de bal gaat verdedigen
  • Herhaal dit een aantal keren en wissel dan de spelers
Technieken
Bovenhands : voorover 2e tempo
  • 2-2 
  • Speel alles in 3-en
    • vang gooi OH (pass)
      • gestrekte armen
    • vang gooi BH (setup)
      • hou de bal BOVEN je hoofd
      • wijs de bal na met gestrekte armen
    • BH over het net
      • strek alle gewrichten
  • Over het net gespeeld of gegooid:
    • wissel van plek
    • draai om elkaar heen, terug naar je eigen plek
    • tik allebei een pion aan (bij de net palen)
    • op grond liggen , de ander eroverheen
  • Eerst samenwerken (op welk veld gaat het eerst 7x achter elkaar goed)
  • dan tegen elkaar (wie heeft het eerst 5 punten -  of 5 minuten) 


Technieken
Bovenhands - Service : onderhands
Benodigde materialen
8 x ballen , 4 x hoepel , 8 x pionnen

Opstelling: 2 ballen per 4 spelers


1.

  • Speler A (bowlingbeweging) rolt de bal naar speler B (de bal moet tussen de 2 kegels door!!). 
  • Speler B raapt de bal op, botst 2 keer en speelt dan in een boogje naar speler C. 
  • Speler C heeft een hoepel vast en legt de hoepel neer op de plaats waar de bal gaat botsen. De bal wordt na 1 bots gevangen. Speler C pakt de bal en sluit achteraan aan bij speler D.
  • Iedereen volgt zijn bal = schuift één plaats door.


2.

  • Speler A gooit de bal onder het net door naar speler B.
  • Speler B vangt de bal, bots één keer hoog, doet een controle toets en toetst dan naar speler C.
  • Speler C vangt de bal laag bij de grond in de correcte receptiehouding en loopt naar D om achteraan in de rij aan te sluiten.
  • Iedereen volgt zijn bal = schuift één plaats door.


3.

  • Speler A gooit de bal (bowlingbeweging!) over het net naar speler B.
  • Speler B plukt de bal uit de lucht, botst 3 keer (moet tijdens die 3 botsen zich omdraaien met het gezicht naar speler C) en toetst dan de bal naar speler C.
  • Speler C doet receptie voor zichzelf en sluit aan bij speler D.
  • Iedereen volgt zijn bal = schuift één plaats door.


4.

  • Speler A slaagt de bal rustig onderhands over het net naar speler B.
  • Speler B plukt de bal uit de lucht, doet 1 controle bots, doet dan controle toetsen totdat die volledig gedraaid is met het aangezicht naar speler C en speelt dan de bal speler C.
  • Speler C doet receptie voor zichzelf, vangt de bal en sluit aan bij speler D.
  • Iedereen volgt zijn bal = schuift één plaats door.