Basketbaloefeningen voor de techniek rebounding
Laatste update: januari 2026
Doel
- Break trainen in een wedstrijdachtige situatie
- Centers, Guards en Forwards vanaf U14, 6 of meer spelers
- 1 bal, twee baskets
- 2 teams met verschillende shirtkleuren
- Spelers lopen rondom de cirkel
- Zodra de coach schiet, gaan zij rebounden
- De partij die de bal verovert, loopt een break naar de andere kant
- Geen schot binnen 5 seconden = opdrukken + andere team neemt uit op de achterlijn
- Na score of verdedigingsrebound loopt het andere team een break terug
- Outlet positie en -pass
- Flyer aan de andere kant op volle snelheid weg
- Uitvoeren op topsnelheid
- Na score direct innemen met overhead pass
- Twee partijen om en om opgesteld in 2 rijen
- Spelers tippen de bal via het bord naar elkaar (springen en tippen zoals bij een tip-in) en sluiten achter aan de andere rij aan
- Op signaal van de trainer loopt de partij die op dat moment de bal pakt een break op de andere basket
- Het andere team verdedigt
- Bij een oneven aantal valt het grootste team altijd aan en is er automatisch een overtal situatie
Beschrijving
- Drie spelers starten op de achterlijn, waarbij de middelste speler een bal heeft.
- De middelste speler passt de bal naar een van de andere spelers en rent achter de bal aan.
- De ontvanger passt de bal naar de speler aan de andere kant en loopt ook achter de bal aan.
- Dit proces herhaalt zich terwijl ze naar de basket aan de andere kant van het veld bewegen.
- Wanneer een speler dicht genoeg bij de basket is, voert hij een lay-up uit.
- De speler die de lay-up uitvoert, wordt verdediger.
- De overige twee spelers worden aanvallers en proberen elkaar met een lange bal te bereiken.
- De verdediger probeert te voorkomen dat de aanvallers scoren.
- Als de aanvallers niet scoren, moeten ze vijf push-ups doen.
- Het doel van de verdediger is om te voorkomen dat de aanvallers scoren.
Doel
- Ontwikkelen van de juiste passing- en schiettechnieken.
- Verbeteren van communicatie tussen teamgenoten.
- Verdeel het team in vier ploegen.
- Plaats één ploeg op elk blok en één ploeg op elke elleboog van het veld.
- Geef elke ploeg één bal.
- De eerste persoon in elke rij schiet, volgt zijn schot en past de bal terug naar de volgende persoon in de rij.
- Na de rebound geeft de schutter de bal terug aan de lijn waarin hij zich bevond en roteert met de klok mee naar het einde van de volgende plek.
- Alle vier de lijnen werken als een team en houden bij hoeveel gescoorde schoten er totaal zijn gemaakt.
- Communicatie is cruciaal; spelers moeten wedstrijdgebonden passen maken en schoten nemen.
- De tijdslimiet kan worden aangepast van vijf minuten naar een andere gewenste duur of aantal gescoorde schoten.
- De schietposities op het veld kunnen worden gevarieerd.
Uitvoering
- Start met drie spelers op de achterlijn, waarbij de middelste speler een bal heeft.
- De middelste speler passt de bal naar een van de andere spelers en rent achter de bal aan.
- De ontvanger passt de bal door naar de speler aan de andere kant en volgt ook de bal.
- Dit patroon wordt herhaald terwijl de spelers richting de basket aan de andere kant van het veld bewegen.
- Wanneer een speler dicht genoeg bij de basket is, maakt hij een lay-up.
- De lay-up schutter wordt verdediger, terwijl de andere twee spelers aanvallers worden.
- De aanvallers proberen elkaar met een lange bal te bereiken en te scoren.
- De verdediger probeert te voorkomen dat de aanvallers scoren.
- Indien de aanvallers niet scoren, moeten ze vijf push-ups doen.
Opstelling en uitvoering:
- Drie rijen achter de Baseline. (twee spelers ter breedte van de sideline en een speler met de bal onder basket)
- Twee verdedigend spelers aan de andere kant van de court.
- De drie aanvallers vallen aan en krijgen 1 schot/aanval kans.
- Na de schotpoging worden de twee verdedigers aanvallers vallen de ander basket aan.
- De laatste speler (van de eerste drie aanvallers) die bal heeft aangeraakt wordt automatisch verdediger.
Variaties:
- De 3 spelers doen een wave naar de aanval.
- Beginopstelling:
- 2 teams
- 1 shooter per team
- 1 of 2 rebounders per team (afhankelijk van het aantal spelers op training en beschikbare doelen)
- Verloop:
- De shooter neemt een shot
- Als de shooter scoort, dan blijft hij staan
- Als de shooter mist, moet er gerebound worden
- De speler die de rebound neemt gaat naar buiten en neemt een shot
- 1 punt per score
- 1 punt per rebound
- Wie eerst 10 punten heeft wint
- Progressie:
- Driepunters shotten
- Beginopstelling:
- 1 speler staat klaar om de vrije worp te nemen
- 1 speler links staat klaar om de rebound te nemen
- 1 speler rechts staat klaar om de rebound te nemen
- Andere spelers sluiten links en rechts aan
- Verloop:
- Speler 1 neemt de vrije worp
- Als speler 1 scoort, dan blijft hij staan en schiet opnieuw
- Als speler 1 mist, dan vechten de spelers links en rechts voor de rebound
- Na het nemen van de rebound wordt er 1 tegen 1 gespeeld
- De speler die scoort neemt als volgende een vrije worp
- De speler die de vrije worp gemist heeft sluit links of rechts aan
- De speler die de rebound niet genomen heeft sluit aan de andere kant aan
- Wie het eerst 10 scores heeft wint
- Progressie:
- Er mag maar 1 dribbel gezet worden na de rebound
- Driepuntshot
- Beginopstelling:
- 1 speler aan de vrije worplijn
- 5 spelers staan rond de bucket
- Verloop:
- Speler neemt de vrije worp
- Andere spelers vechten voor de rebound
- 1 punt als je de vrije worp scoort
- 1 punt als je de rebound neemt
- Spelen tot 5 punten
- Elke op zijn beurt, schuiven door met de klok mee
- Progressie:
- 2 punten als het een aanvallende rebound is
- Spelen tot 7 punten
- Regressie:
- Minder spelers laten rebounden
- 2 spelers laag -team blauw-
- 2 spelers hoog
- 1 speler, niet actief betrokken bij het spel, op de baseline
- 1 speler, niet actief betrokken bij het spel, rond de 3 punterlijn
- Speler op de baseline past strak op de speler die rond de 3 punterlijn staat
- Speler op de 3 punterlijn schiet
- Team blauw zorgt voor een goede close out
- Team rood en blauw vechten voor de rebound
- Na de rebound is er een 2 versus 2 situatie en wordt er doorgegaan totdat er een score is
- Leg van te voren goed uit wat een goede close out inhoudt
- Bij een grote groep verdeel je de spelers over meerdere baskets
- Speler A schiet van 10 verschillende posities, waarbij speler B rebound en aan speler A strakke passes geeft.
- Vanaf elke positie wordt 10x geschoten.
- Beide spelers komen aan de beurt.
- Je hebt zo’n 20 minuten de tijd om beiden geschoten te hebben, is dit niet het geval staat hier een suicide tegenover.
- De bedoeling is dat je met deze oefening puur op je vorm let.
Aan het eind van de oefening wordt er gevraagd wie van de twee het meest heeft gescoord.
De verliezende speler rent een suicide, mocht de score vergeten zijn, rennen beide spelers een suicide.
De verliezende speler rent een suicide, mocht de score vergeten zijn, rennen beide spelers een suicide.

Met 3 man op de achterlijn en de middelste heeft een bal.- De middelste passed naar een man en rent achter de bal aan.
- Die passed weer naar de man aan de andere kant en loopt ook achter de bal aan.
- Dit doen ze al lopend naar de basket aan de andere kant.
- Als iemand dicht genoeg bij de basket staat loopt de man een lay-up.
- Die word verdediger en de andere 2 aanvallers, die moeten proberen elkaar met een lange bal zien te bereiken.
- Het doel van de verdediger is de aanvallers niet te laten scoren.
- Als de aanvallers geen score weet te maken moeten ze 5 push-ups doen.?

- 1 of 2 rijtjes vlak onder het bord aan weerszijden van de basket.
- Zorg dat er minimaal 4 spelers per rijtje zijn.
- Bal wordt naast de basket tegen het bord gegooid en door de volgende speler in de tij 'getipt' (twee handen opvangen en direct weer naar het bord gooien).
- De derde speler vangt deze bal weer op, etcetera.
- Na de handeling sluit een speler achter de (andere) rij.
- De oefening is klaar als een minimaal aantal succesvolle tips achter elkaar is gelukt (zonder dat de bal de grond raakt).
- Variatie:
- De spelers moeten achter de coach langs voordat zij weer aan mogen sluiten in de (andere) rij.
- De coach loopt langzaam achteruit, waardoor er harder gerend moet worden. (is een must bij rijtjes van 6 of meer spelers).
- De bal moet tijdens 1 sprong zowel opgevangen als opnieuw gegooid worden. (is behoorlijk moeilijk voor kleinere of zwakkere spelers)
- Advies:
- Hierbij kan bij een mislukte tip ook 1 punt in mindering worden genomen in plaats van weer op nul starten.
In deze oefening wordt de basis van rebounden (nogmaals) uitgelegd en geoefend.
Laag zwaartepunt
- Tweetallen van gelijke sterkte, zonder bal.
- Per tweetal ruggen tegen elkaar.
- Begin op de baseline, speler op de baseline (aanvaller) probeert de speler die met de rug naar hem toe staat (verdediger) naar de overkant te duwen.
- Verdediger moet rug recht en goed diep door knieën zitten, zodat het zwaartepunt laag is.
- Eenmaal aan de overkant wisselen de spelers van rol en gaan we de andere kant op.
Uitleg basis bewegingen
- Kijk waar aanvaller heen gaat.
- Maak contact met hand/arm.
- Pivoteer zodat rug naar tegenstander draait.
- Box uit!
Oefening
- Zelfde tweetallen op de baseline, ongeveer een meter uit elkaar.
- Trainer roept links of rechts.
- Aanvallers doen dan rustig een paar stappen richting verdediger.
- Verdediger voert stappen uit.
- LET OP: aanvaller moet langzaam stappen voor de oefening!
- Na een paar keer rollen aanvaller/verdediger omdraaien.
Spelvorm
- Zelfde tweetallen, rond de middencirkel. (verdediger OP de cirkellijn, 1 bal in het midden)
- Als de trainer GO zegt, proberen de aanvallers de bal te pakken, de verdedigers moeten uitboxen!
- Na een paar keer rollen aanvaller/verdediger omdraaien.
- Twee teams
- 1 team gaat in de bucket sliden, iedereen heeft een nummer (van voor naar achter)
- Andere team gaat om de 3 punt lijn staan
- Ik pass de bal naar iemand en dan gaat iedereen in de bucket iemand van buiten de bucket uitboxen.
- Let op:
- Spreek goed af wie wie verdedigt.
- Als je uitboxt maak als eerste contact en daarna open draaien
- Als het verdedigende team de bal heeft gevangen mag het gaan aanvallen
- Elke score een punt, team dat als eerste 3 punten heeft.

Met 3 man op de achterlijn en de middelste heeft een bal.- De middelste passed naar een man en rent achter de bal aan.
- Die passed weer naar de man aan de andere kant en loopt ook achter de bal aan.
- Dit doen ze al lopend naar de basket aan de andere kant.
- Als iemand dicht genoeg bij de basket staat loopt de man een lay-up.
- Die word verdediger en de andere 2 aanvallers, die moeten proberen elkaar met een lange bal zien te bereiken.
- Het doel van de verdediger is de aanvallers niet te laten scoren.
- Als de aanvallers geen score weet te maken moeten ze 5 push-ups doen.


Met 3 man op de achterlijn en de middelste heeft een bal.- De middelste passed naar een man en rent achter de bal aan.
- Die passed weer naar de man aan de andere kant en loopt ook achter de bal aan.
- Dit doen ze al lopend naar de basket aan de andere kant.
- Als iemand dicht genoeg bij de basket staat loopt de man een lay-up.
- Die word verdediger en de andere 2 aanvallers, die moeten proberen elkaar met een lange bal zien te bereiken.
- Het doel van de verdediger is de aanvallers niet te laten scoren.
- Als de aanvallers geen score weet te maken moeten ze 5 push-ups doen.


- Centers + Guards + Forwards
- 3 Spelers
- 1 bal
- -een basket
- -2 Kegels
Vereisten :
Spelers moeten kunnen dribbelen en een lay-up kunnen lopen
Doel :
- Overtalsituatie in 2-mans break afmaken
- outlet pass trainen
- looplijn flyer trainen
Organisatie:

- de verdediger gooit de bal tegen het bord, links of rechts van de ring
- de aanvaller kant bord valt neemt de outlet positie in en vraagt om de bal
- de flyer sprint weg richting de middellijn
- flyer sprint om de pion heen terug naar de basket
- outlet dribbelt zo snel mogelijk om de andere pion heen
- de passer sprint tot aan de middencirkel, maar daar 1 voet in hebben en gaat dan verdedigen
- aanallers hebben 1 doelpoging en max 2 passen
- de aanvaller die mist wordt verdediger
Teaching points
- de verdediger GEEN onsportieve fouten te maken
- verdediger neemt de charge of dwingt de dribbelaar naar de zijkant van het veld
Drietallen met een bal.
- Trainer gooit bal tegen het bord, team moet rebounden en outlet kiezen.
- Trainer blokt een kant af zodat ze moeten kiezen en vragen om de bal!
- Outlet dribbelt naar het midden en 3X0 afronden met een lay-up (tempo.)
- Afhankelijk van het niveau van de U12 uitleggen: outlet, vragen om de bal (handen), lijnen vullen en aanval lopen.
- Trainer kan bij de 2x1 nog storend optreden, goed op links en rechtshandig dribbelen letten

- Met 3 man op de achterlijn en de middelste heeft een bal.
- De middelste passed naar een man en loopt achter de bal aan.
- De ontvanger houdt de bal achter zich en degene die het eerst gepassed heeft, pakt de bal en passed door.
- Degene die de bal achter zijn rug heeft loopt achter de bal aan, pakt hem op bij de ontvanger en passed door naar de andere kant
- Dit doen ze al lopend naar de basket aan de andere kant.
- Als iemand dicht genoeg bij de basket staat loopt de man een lay-up.
- Maak variaties op het passen

- 4 groepen van spelers in elke hoek van het veld.
- 4 kegels in de middencirkel
- 2 ballen op elke zijlijn
- speler spurt naar de kegel
- defence slide naar zijlijn
- achterwaarts terug lopen (kijken over schouder naar ring)
- daarna vertrekt de volgende speler.
- in een volgende stap pikken de speler na de defence slide de bal op en finishen met lay-up.
- Nemen rebound en passen naar volgende in de rij.
- Die dribbelt dan naar de kegel en dan outside.
- Legt daar de bal neer en spurt dan terug naar baseline.
- Daarna begint de oefening terug.
Deze oefening zal helpen bij het ontwikkelen van de juiste passing- en schiettechnieken. Deze oefening benadrukt ook de communicatie tussen teamgenoten
- verdeel het team in vier ploegen. Eén ploeg op elk blok en één ploeg op elke elleboog. Geef elke ploeg één bal.
- de eerste persoon in elke rij schot en volgt zijn shot, en past deze terug naar de volgende persoon in zijn lijn.
- Na de rebound van de bal geeft de schutter de bal terug naar de lijn waarin ze zich bevonden en draait met de klok mee tot het einde van de volgende spot. Rotaties worden weergegeven in het diagram.
- Alle vier de lijnen werken als een team en houden bij hoeveel gescoorde shots totaal zijn gemaakt
- Benadruk de spelers dat communicatie erg belangrijk is in deze oefening.
- Spelers moeten wedstrijd gebonden passen maken net als hun shots moeten ook op wedstrijdniveau genomen worden
- De tijdslimiet van deze oefening kan worden gewijzigd van vijf minuten naar wat u maar wilt of aantal gescoorde shots
- Ook de plekken op het speelveld waar de spelers vanaf schieten kunnen worden gevarieerd

- Een iemand schiet vrije worpen.
- Twee andere spelers staan achter diegene die de vrije worp gooit.
- Conform de spelregels
- Eens de bal weg gaan de drie spelers voor de rebound.
- Heeft diegene die de vrije worp gooide de bal, dan mag hij een nieuwe vrije worp nemen.
- Heeft hij de bal niet, gaan de 2 andere spelers naar de andere kant van het veld aanval uitvoeren 2 tegen 1
- Indien aanvaller onder druk van verdediger dan pas naar de vrije man, anders gewoon door blijven gaan tot lay-up
- Drie volgende spelers zetten zich klaar voor het uitvoeren van de oefening.
- Centers + Guards + Forwards
- vanaf U14
- 6 of meer spelers
- 1 bal
- twee baskets
Vereisten:
- de basisbeginselen van een break beheersen
Doel:
- break trainen in een wedstrijdachtige situatie
Organisatie:
- 2 teams met verschillende shirtkleuren
- de spelers lopen allemaal rondom de cirkel
- zodra de coach schiet gaan zij rebounden
- de partij die de bal verovert loopt een break op de andere kant (geen schot binnen 5 seconden = opdrukken + andere team uitnemen op de achterlijn)
- na score of verdedigingsrebound loopt het andere team een break terug
Teaching Points:
- outlet positie en -pass
- flyer aan de andere kant op volle snelheid weg
- uitvoeren op topsnelheid
- na score direct innemen met overhead pass
Variatie:
- twee partijen om en om opgesteld in 2 rijen
- de spelers tippen de bal via het bord naar elkaar (springen en tippen zoals bij een tip in)
- en sluiten achter aan de andere rij aan
- op signaal van de trainer loopt de partij die op dat moment de bal pakt een break
- op de andere basket
- het andere team verdedigt
- (bij een oneven aantal valt het grootste team altijd aan en is er automatisch een overtal situatie)